Europa bouwt uitstekende technologiebedrijven, maar het ontbreekt aan voldoende kapitaal – en lef – om die bedrijven hier te laten doorgroeien. Dat stelt Volgens fondsmanager, investeerder en oprichter van European Women in VC, Kinga Stanisławska. Pensioenfondsen kunnen een belangrijke rol spelen om dat tij te keren. Maar daar is durf én een andere kijk op diversiteit van teams nodig.
‘Het zou makkelijker zijn als een van jullie een man was’. Dat kreeg de Poolse Kinga Stanisławska te horen toen ze samen met een vrouwelijke partner een venturecapitalfonds wilde opzetten. Het fonds kwam er toch. En precies die uitspraak vormt tot op de dag van vandaag een belangrijke drijfveer in haar missie voor meer vrouwen in het durfkapitaal.
Stanisławska stond mede aan de basis van het €3,5 miljard grote aandeleninvesteringsfonds van de European Innovation Council (EIC Fund) en als lid van het Investment Committee beoordeelde ze meer dan 150 investeringsvoorstellen. Daarvoor werkte ze jarenlang bij de European Bank for Reconstruction and Development (EBRD). Later richtte ze European Women in VC op en werd ze een van de bekendste stemmen in Europa op het snijvlak van venture capital, institutioneel kapitaal en diversiteit. Haar missie: grote investeerders het enorme potentieel van venture capital laten in Europa inzien. Voordat bijvoorbeeld overzeese beleggers er met de ‘unicorn’ van de toekomst vandoor gaan.
In veel van je presentaties benadruk je dat technologie geen grenzen kent. Tegelijkertijd pleit je ervoor dat Europese pensioenfondsen meer in Europese innovatie investeren. Is dat geen tegenstelling?
“Nee, juist niet. Technologiebedrijven zijn niet gebonden aan een locatie zoals vastgoed of infrastructuur dat wel zijn. Een Nederlandse start-up kan vandaag klanten vinden in Amsterdam en morgen een verkoopkantoor openen in San Francisco. Technologie reist heel gemakkelijk over grenzen heen. Daar zit tegelijkertijd het probleem. Europese bedrijven hebben kapitaal nodig om te groeien. Als dat kapitaal hier niet beschikbaar is, vertrekken ze naar plekken waar het wel beschikbaar is. Dat zien we al jaren gebeuren.”
Wat gaat er dan precies mis?
“Amerikaanse investeerders steken aanzienlijk meer geld in venture capital dan Europese investeerders. Daardoor krijgen Amerikaanse bedrijven meer kansen om te experimenteren, fouten te maken en uiteindelijk succesvol te worden. Een start-up moet nu eenmaal geld verbranden voordat er omzet ontstaat. Als je niet genoeg kapitaal hebt om nieuwe dingen te proberen, krijg je ook minder kans om te slagen. Uiteindelijk bouwen Amerikanen daardoor vaker de bedrijven van morgen. Kijk maar naar de tech-reuzen.”
Toch zijn veel pensioenfondsen terughoudend.
“Dat begrijp ik tot op zekere hoogte. Maar soms verbaast die terughoudendheid me ook. We hebben het vaak over allocaties van één of twee procent van een portefeuille. Dat is op het totaal een heel beperkt deel. Zelfs als zo’n beleggng tegenvalt, heeft dat nauwelijks impact op een goed gespreide pensioenportefeuille.”