Mythe: in het vernieuwde stelsel wordt pensioen onzekerder

Gepubliceerd op: 24 januari 2024

Er is al heel wat gezegd en geschreven over de nieuwe pensioenwet die vorig jaar inging, maar toch blijven er misverstanden bestaan. In de serie ‘Pensioenmythes ontkracht’ nemen we steeds één mythe onder de loep. De eerste – door de Wet toekomst pensioenen gaan we van een zeker naar een onzeker pensioen – leggen we voor aan Julia Adam, strategisch beleidsmedewerker bij APG.  

 

Hier en daar bestaat het beeld dat we in het vernieuwde stelsel van een zeker pensioen naar een onzeker pensioen gaan, waarin uitkeringen fors kunnen fluctueren. Onjuist, zegt Adam. Ten eerste omdat pensioentoezeggingen ook in het oude stelsel niet volledig gegarandeerd waren.


“In het oude stelsel ervoeren deelnemers hun opgebouwde pensioen vaak als een gegarandeerde toezegging. Vaak wordt gezegd dat de risico’s daarin volledig bij de pensioenfondsen lagen, maar dat is niet juist. Ook in het vernieuwde stelsel worden deze uiteindelijk altijd gedragen door de deelnemers. Ook daarin lopen deelnemers het risico dat hun pensioenuitkeringen worden verlaagd of dat hun opgebouwde pensioenaanspraken en -uitkeringen niet kunnen worden geïndexeerd, waardoor de pensioenen aan koopkracht verliezen en worden ‘uitgehold’.”

 

Veel blijft hetzelfde
Veel dingen blijven hetzelfde als in het oude stelsel. Adam: “Net als in het oude stelsel worden de pensioenpremies in het vernieuwde stelsel belegd. En net als in het oude stelsel is de hoogte van het pensioen afhankelijk van de ingelegde premie en de rendementen die met de beleggingen worden behaald. In het oude pensioenstelsel zijn er verschillende mogelijkheden om de uitkeringen zo stabiel mogelijk te houden. Ook in het vernieuwde stelsel wordt daarnaar gestreefd, maar dit wordt technisch op een andere manier vormgegeven. Hoe deze instrumenten precies worden ingezet, verschilt per fonds. In het vernieuwde stelsel worden financiële resultaten weliswaar direct doorvertaald in de persoonlijke pensioenvermogens en pensioenuitkeringen van deelnemers, maar tegelijkertijd komen er effectieve instrumenten om stabiele pensioenuitkeringen te realiseren.”

 

Meevallers eerder uitgedeeld
In het vernieuwde stelsel kunnen meevallers dus eerder worden uitgedeeld, zegt Adam. “En de kans dat de ingegane pensioenen naar beneden moeten worden bijgesteld, zal zoveel mogelijk worden verkleind. Daarnaast worden de goede elementen uit het oude stelsel, zoals collectieve risicodeling, behouden. Het is dus niet zo dat in het vernieuwde stelsel alle risico’s bij de individuele deelnemer terechtkomen. Ze worden nog steeds zo veel mogelijk gedeeld, wat bijdraagt aan een beter pensioenresultaat.”

 

 

In de serie ‘Pensioenmythes ontkracht’ gaan we uit van de solidaire premieregeling (SPR), een van de twee contractvormen waaruit fondsen in het vernieuwde stelsel kunnen kiezen. Alle fondsen waarvoor APG werkt, hebben voor de SPR gekozen.