“Rust en continuïteit zijn belangrijk, juist in een wereld die steeds verandert”

Gepubliceerd op: 25 juni 2026

Na 75 jaar staat bpfBOUW aan het begin van een nieuwe fase. De overstap naar het vernieuwde pensioenstelsel is het resultaat van jaren voorbereiding en intensieve samenwerking met uitvoerder APG. Eline Lundgren, voorzitter namens de werknemers bij bpfBOUW, blikt terug en kijkt vooruit. Over duurzaam beleggen, het vertrouwen van deelnemers en een marktverkenning richting 2030.

 

De overstap naar het vernieuwde stelsel was geen abrupte verandering voor bpfBOUW, maar het moment waarop een lang, bestuurlijk traject zichtbaar werd. Volgens Lundgren zat de echte spanning dan ook niet in de overgang zelf, maar in de besluitvorming die eraan voorafging, een proces waarin zorgvuldigheid en discipline centraal stonden. Tegen die achtergrond krijgt het 75-jarig jubileum extra betekenis: het markeert niet alleen een verleden, maar ook het begin van een nieuwe fase.

 

BpfBOUW vierde het 75-jarig bestaan in eigen kring. Waarom past dat zo goed bij het fonds?
“Dat zegt eigenlijk alles over wie wij zijn. We houden het bewust klein, zonder grote sprekers of ceremonie. Gewoon met elkaar stilstaan bij wat we doen en voor wie we het doen. Dat is typisch bpfBOUW. We zijn nuchter, staan dicht bij de bouwsector en willen geen afstand creëren tussen ons en onze deelnemers.”

 

Wat zie je als je terugkijkt op die 75 jaar ontwikkeling?
“Dat een pensioenfonds tijd nodig heeft om echt volwassen te worden. Dat duurt al snel veertig jaar, omdat je een volledige cyclus moet doorlopen: mensen bouwen pensioen op en ontvangen het ook weer. In die zin zijn we nu volwassen. Tegelijkertijd moet je continu in beweging blijven. Onze deelnemers veranderen, de maatschappij verandert en wij veranderen mee.”

 

De overgang naar het vernieuwde stelsel is daarin natuurlijk ook tekenend. Hoe kijk je daarop terug?
“Die overgang zelf was eigenlijk vooral een bevestigingsmoment. We hadden zó veel voorbereid dat 1 januari 2026 voelde als het afronden van een traject waar we al jaren naartoe werkten. De echte spanning zat in de besluitvorming daarvoor. Daar moest alles samenkomen: evenwichtigheid, uitvoerbaarheid, toezicht. Dat vraagt enorm veel discipline van een bestuur.”

 

Wat zoal?
“Vooral rust en structuur. Dat klinkt misschien tegenstrijdig, omdat er zo veel gebeurt. Maar juist in zo’n intensief traject heb je behoefte aan rust, continuïteit en overzicht. Dat zijn voor mij belangrijke leidraden geweest. Je moet ervoor zorgen dat je organisatie stabiel blijft, terwijl je ondertussen grote veranderingen doorvoert.”

 

Welke rol speelde APG daarin?
“Een heel belangrijke rol. We hebben echt intensief samengewerkt, over een lange periode. APG had al ervaring met eerdere fondsen die overgingen op het vernieuwde stelsel, en daar hebben wij van kunnen leren. Ik zie dat APG heel hard loopt voor bpfBOUW. De uitvoering is degelijk, betrokken en professioneel. Daar heb ik veel waardering voor. Tegelijkertijd hoort het bij een goede samenwerking dat je elkaar ook scherp houdt. Dat doen we ook. Maar altijd met het doel om samen beter te worden.”

 

Die samenwerking wordt vaak als cruciaal benoemd voor een succesvolle transitie. Herken je dat?
“Absoluut. Dit soort trajecten kun je niet alleen doen. Je hebt elkaar nodig, bestuur, bestuursbureau, uitvoerder, sociale partners. Het is echt één groot team. Je moet elkaar vertrouwen, maar ook durven aanspreken. Dat heeft ons geholpen om deze overgang goed te realiseren.”

 

Toch verkennen jullie richting 2030 de markt. Waarom is dat belangrijk?
“Omdat je jezelf moet blijven toetsen. We willen weten: wat is er in de markt beschikbaar? Wat kunnen andere uitvoerders? Krijgen wij nog steeds de beste dienstverlening? Daar nemen we APG natuurlijk in mee, de samenwerking is immers goed. Het is een manier om scherp te blijven en om te blijven leren.”

 

Parallel daaraan loopt de zoektocht naar een nieuwe vermogensbeheerder. Wat betekent dat voor bpfBOUW?
“We zitten nog volop in dat proces, dus daar kan ik niet op vooruitlopen.”

Wat we zien, is dat deelnemers niet per se willen dat wij koploper zijn. Ze verwachten dat we verantwoord en toekomstgericht beleggen

Duurzaam beleggen is een ander belangrijk thema. Wat verwachten deelnemers daarin van jullie?
“Wat we zien, is dat deelnemers niet per se willen dat wij koploper zijn. Ze verwachten dat we verantwoord en toekomstgericht beleggen, dat moeten we zorgvuldig blijven doen. Dus niet bij elke trend vooroplopen, maar wel tijdig meebewegen. Dat vraagt om een gebalanceerde aanpak.”

 

Waar ligt voor hen de echte waarde?
“Vooral in impact die herkenbaar is. Onze deelnemers werken in de bouwsector, en die verbinding is belangrijk. Ze willen zien dat wat wij doen ook relevant is voor hun wereld. Dat maakt duurzaam beleggen concreet. Het gaat niet alleen over abstracte doelen, maar ook over wat het betekent voor hun sector en hun toekomst."

 

Hoe betrek je de deelnemers bij al die ontwikkelingen?
“Door te luisteren naar de deelnemers en te volgen wat hun ervaringen zijn. In het vernieuwde stelsel zien de deelnemers direct wat er gebeurt met hun pensioen. We moeten ze meenemen in wat die veranderingen betekenen en in de vragen die bij hen leven: wat zie ik, waarom gebeurt dit en wat betekent dit voor later?”

 

Hoe kijk je naar het vertrouwen van de deelnemers?
“Dat is cruciaal. We zien dat het vertrouwen hoog is, en daar ben ik trots op. Tegelijkertijd legt dat ook een enorme verantwoordelijkheid bij ons. Ze vertrouwen ons hun pensioen toe, dan moet je dat elke dag waarmaken.”

 

Wat wordt de grootste opgave de komende jaren?
“De overgang is gelukt, nu moeten we gaan sturen in die nieuwe wereld. De keuzes die we maken hebben impact op de pensioenen van onze deelnemers. We moeten dit op een begrijpelijke wijze uitleggen.”

 

En als je vooruitkijkt naar 2030 en verder?
“Dan hoop ik dat we kunnen zeggen dat we niet alleen de juiste keuzes hebben gemaakt, maar dat het systeem robuust is en doet wat we verwachten. Maar ook dat we het vertrouwen van deelnemers hebben behouden of zelfs versterkt. Eigenlijk zoals we dat de afgelopen 75 jaar hebben gezien. Want uiteindelijk draait het daar om: rust, continuïteit en vertrouwen. Dat zijn geen vanzelfsprekendheden, dat zijn dingen waar je elke dag aan werkt.”

Wim Koeleman over APG en bpfBOUW:
‘Een samenwerking die zich blijft ontwikkelen’

 

bpfBOUW bestaat 75 jaar. Dit markeert niet alleen een lange historie van pensioenopbouw, maar ook een langdurige samenwerking met APG. Volgens Wim Koeleman, statutair bestuurder van APG Pensioendienstverlening, zit de kracht van die relatie in de gedeelde oorsprong van APG en bpfBOUW, én in het vermogen om mee te bewegen.

 

De band tussen bpfBOUW en APG gaat terug tot de wortels van beide organisaties. APG is voortgekomen uit uitvoeringsorganisaties die nauw verbonden waren met de bouwsector en de publieke sector. Daarmee is de samenwerking meer dan een contractuele relatie: ze is historisch verweven. “Die achtergrond is nog altijd zichtbaar bij APG. Aan de ene kant de nuchtere, zakelijke stijl van de bouwsector, aan de andere kant de nadruk op zorgvuldigheid en kwaliteit vanuit de publieke context van ABP”, aldus Koeleman. Die combinatie werkte altijd al, maar werd volgens hem tijdens de transitie explicieter. “Wat voorheen vaak impliciet verliep, kwam nu nadrukkelijk op tafel: verwachtingen, belangen en onderliggende keuzes.”

 

Koeleman schetst bpfBOUW als een opdrachtgever die duidelijk is over zijn verwachtingen. “De samenwerking is direct en zakelijk, met ruimte voor scherpe gesprekken. Tegelijk is er altijd de gezamenlijke opgave: zorgen dat het werkt. Dat maakt de relatie effectief.” Hij haalt ook hier de transitie aan. “De overgang verliep niet lineair, maar in fases waarin het fonds en wij als uitvoerder elkaar soms opnieuw moesten vinden in dit complexe proces. Kritiek wordt waar nodig uitgesproken, maar leidt uiteindelijk ook tot oplossingen. We weten wat we aan elkaar hebben en blijven in gesprek als het schuurt.”

 

Van uitvoeren naar samen ontwikkelen
In de loop der jaren is de samenwerking inhoudelijk veranderd, steltt Koeleman. “Waar de nadruk eerder lag op leveren en controleren, is er meer wederzijds inzicht ontstaan. Fondsen in het vernieuwde stelsel kijken nu namelijk nadrukkelijker mee in de uitvoering, terwijl wij steeds beter begrijpen wat er nodig is voor bestuur en verantwoording. Dat leidt tot een andere dynamiek: minder afstand, meer gezamenlijke ontwikkeling en afstemming.”

 

Die ontwikkeling maakt de samenwerking met bpfBOUW dan ook hechter, maar niet vanzelfsprekend. Koeleman: “De transitie is formeel afgerond, maar inhoudelijk nog niet volledig. De afronding van het invaren, de controle op de herverdeling van vermogen en het verstrekken van de definitieve overzichten vragen nog aandacht. Tegelijkertijd verschuift de blik al naar voren. In het vernieuwde stelsel gaat het niet alleen om correcte uitvoering, maar ook om de manier waarop een fonds kan sturen en verantwoorden. Dat vraagt om nieuwe rapportagevormen, om nieuwe inzichten en een andere manier van samenwerken.”

 

Bewegen blijft noodzakelijk
Het jubileum benadrukt hoe belangrijk continuïteit is, maar maakt tegelijk ook duidelijk dat blijven bewegen noodzakelijk is. Dat beeld komt ook terug in het gesprek met Eline Lundgren, die benadrukt dat een sterke samenwerking alleen houdbaar blijft door jezelf te blijven toetsen. Zowel bpfBOUW als APG geven daar concreet invulling aan. APG werkt vanuit strategie 2030 gericht aan verdere professionalisering van de dienstverlening, onder meer op het gebied van kwaliteit, standaardisatie en kostenbeheersing.

 

Daarbij kiest bpfBOUW ervoor om richting 2030 de eigen dienstverlening opnieuw tegen het licht te houden. “Wat dat voor ons betekent? We blijven investeren in kwaliteit en sturen op marktconformiteit.” Koeleman geeft daarmee aan dat de nadruk niet op het verleden ligt, maar op de manier waarop de samenwerking tussen APG en bpfBOUW zich blijft ontwikkelen. De gedeelde geschiedenis vormt het fundament, maar de dagelijkse praktijk, transparant samenwerken, elkaar scherp houden en samen doorontwikkelen bepalen hoe toekomstbestendig die relatie is.”