“Zo’n woord als solidariteitsbuffer is niet echt duidelijk”

Gepubliceerd op: 6 november 2020

Wat vinden werknemers ervan dat hun pensioenuitkering binnen het nieuwe pensioenstelsel meer kan schommelen, afhankelijk van beleggingsrendementen? En met welke vragen zitten zij nog meer? Om hierachter te komen, interviewde APG een select gezelschap 55-plussers.  

 

Het Nederlandse pensioenstelsel gaat op de schop. In het nieuwe stelsel kan de pensioenuitkering ieder jaar opnieuw veranderen, afhankelijk van het rendement van de beleggingen van pensioenfondsen. Welke vragen hebben werknemers en gepensioneerden hierover? APG wil dit graag weten om deelnemers straks zo goed mogelijk te kunnen informeren over het nieuwe pensioenstelsel. Om hier meer duidelijkheid over te krijgen, ging APG dit najaar uitgebreid in gesprek met vijftien werknemers in loondienst (tussen de 55 en 65 jaar, met wisselende kennis van zowel het huidige als toekomstige pensioenstelsel).

Volgens Joyce Augustus, onderzoeker bij APG, blijkt dat een aantal gesprekspartners het dat de pensioenuitkering ieder jaar kan veranderen. Dat roept bij hen een gevoel van onzekerheid en afhankelijkheid van het pensioenfonds op.”

 

Meer inzicht in persoonlijke pensioenvermogen

In het nieuwe pensioencontract kun je straks duidelijker zien wat het rendement is van de pensioenbeleggingen en wat de kosten zijn. Er komt kortom meer transparantie. Augustus: “Dat ervaart men als positief. Tegelijkertijd leidt deze transparantie ook tot vragen, bijvoorbeeld over die behaalde rendementen en gemaakte kosten.”

Verder kwam uit de gesprekken naar voren dat de meeste mensen inzien dat hun pensioenuitkering bij het nieuwe pensioenstelsel jaarlijks meer kan schommelen dan nu, meer kan afhangen van de beleggingsrendementen en de economie. Pensioenfondsen kunnen hier overigens wel nadere keuzes in maken. De beleggingsresultaten kunnen dus worden meegenomen in de vormgeving van de pensioenregeling, zodat deze beter aansluit bij de voorkeuren van de deelnemers.

“Sommige gesprekspartners redeneren dat ze nu afhankelijker worden van de beleggingskwaliteiten van het pensioenfonds en dat het fonds hierover verantwoording moet afleggen.”

Volgens Augustus wil een deel van de mensen die APG sprak, vooral uitleg krijgen als ze zien dat hun pensioenfonds in een bepaald jaar een negatief beleggingsrendement heeft behaald, waardoor hun uitkering omlaag gaat. “De resultaten van het pensioenfonds worden eerder vergeleken met de resultaten van andere financiële instanties, zoals een spaarrekening bij een bank of een eigen beleggingsrekening.”

 

 

 

Jargon goed uitleggen

Uit het onderzoek blijkt ook dat pensioenjargon voor veel verwarring kan zorgen. Neem een woord als ‘solidariteitsbuffer’. Veel mensen denken dat dit betekent dat er een ‘potje’ is zodat iedereen straks pensioen kan ontvangen. Een soort solidariteit van hoge naar lage inkomens. Die opvatting klopt niet, zegt Augustus. “Zo’n solidariteitsbuffer betekent dat we in economisch goede jaren wat beleggingsrendement opsparen en reserveren, zodat we dat in slechte jaren kunnen inzetten om de pensioenuitkeringen op peil te houden. Het is daarom van belang om in onze communicatie aan te sluiten bij de beleving van de deelnemer. Ook al is solidariteitsbuffer technisch gezien de correcte term, de deelnemers vatten hem anders op. Dus kunnen we beter een ander woord gebruiken. Een ander voorbeeld waar volgens de respondenten uitleg nodig is: in het nieuwe stelsel worden de rendementen leeftijdsafhankelijk ‘toebedeeld’. Dit betekent dat jongeren meer rendement krijgen toebedeeld, positief of negatief, dan ouderen. Dat is bedacht om voor ouderen het risico te verminderen, zodat hun pensioenuitkering niet te veel gaat schommelen. Augustus: “De 55-plussers die dit zónder uitleg kregen voorgelegd, vonden het lastig om te bedenken waarom dat zo zou zijn. Ze vonden dat niet eerlijk. Maar als ze het argument hoorden, hadden ze meer begrip.”

 

Goed informeren

Pensioenfondsen en -uitvoerders als APG moeten dus altijd zorgen voor begrijpelijke communicatie, benadrukt Augustus. “Daarom testen we vooraf of onze brieven, nieuwsbrieven en andere communicatie naar de deelnemers en gepensioneerden begrijpelijk zijn. En waar nodig schaven we het graag net zo lang bij totdat het wel begrijpelijk is. Dat zien we ook als onderdeel van onze zorgplicht.”       

Wat doet APG verder met de uitkomsten van dit onderzoek? Augustus: “We weten nu beter welke vragen het nieuwe contract oproept als we hierover communiceren. En we zijn ons nog meer bewust van het feit dat bepaalde termen of concepten vragen oproepen of anders kunnen worden geïnterpreteerd dan ze daadwerkelijk zijn. We kijken hoe en hoe vaak we onze deelnemers gaan informeren over het nieuwe pensioenstelsel. Niet te vaak, want op gedetailleerde uitleg zitten de meeste deelnemers niet te wachten. Maar zeker ook niet te weinig, zodat er geen misverstanden ontstaan.”

En hadden de geïnterviewden nog een advies voor APG? “Zeker, ze willen dat we hen vooral duidelijk en persoonlijk informeren. En dat we goed zorgen voor hun geld.”

Dit vinden 55-plussers van het nieuwe pensioenstelsel

 

  • Het is begrijpelijk dat het huidige stelsel onhoudbaar is, nu mensen langer leven.
  • Het nieuwe pensioenstelsel is veel transparanter.
  • Maar ook onzekerder, omdat hun pensioenuitkering jaarlijks kan schommelen, afhankelijk van beleggingsrendementen en de economie. Aan de andere kant: de pensioenen fluctueren nu ook.
  • Het voelt alsof de afhankelijkheid (van de investeringsprestaties) van hun pensioenfonds groter wordt.
  • Deelnemers willen daarom graag meer inzicht in de beleggingen. Pensioenfondsen moeten ook verantwoording afleggen als het vermogen daalt.  
  • De solidariteitsbuffer en dat jongeren een hoger rendement krijgen, behoeft uitleg.
  • Het nieuwe pensioenstelsel vereist goede – dus regelmatig en heldere - communicatie vanuit de pensioenfondsen.