Tweetraps-aanpak bij APG: een zorgvuldige en efficiënte overgang

Gepubliceerd op: 27 februari 2025

APG heeft als een van de eerste uitvoeringsorganisaties de overgang naar het vernieuwde pensioenstelsel gerealiseerd voor twee fondsklanten, PWRI en PPF APG. Om deze complexe transitie beheersbaar en zorgvuldig te laten verlopen, is gekozen voor een tweetraps-aanpak. Hoe werkt deze methode, waarom is hiervoor gekozen en welke voordelen biedt die?


De overgang naar het vernieuwde pensioenstelsel vereist dat de opgebouwde pensioenaanspraken worden omgerekend naar individuele kapitalen onder de Wet toekomst pensioenen (WTP). Dit gebeurde in twee stappen:


Trap 1
In de eerste dagen van januari gingen de fondsen over naar het vernieuwde pensioenstelsel op basis van een dekkingsgraad van 100 procent. Dit betekent dat er exact voldoende vermogen werd gevormd om de pensioenuitkeringen op hetzelfde niveau te houden als in december, eventueel verhoogd met een laatste reguliere indexatie indien het fonds dit had besloten. Ook werden in deze fase al enkele structurele aanpassingen doorgevoerd, zoals de verlenging van het wezenpensioen tot de nieuwe standaard eindleeftijd van 25 jaar.


Trap 2 
Eind januari volgde de definitieve berekening, waarin de extra middelen uit de buffer van het fonds werden verdeeld. Dit vermogen werd onder andere gebruikt voor:
•    Het vullen van de solidariteitsreserve
•    Compensatie voor het afschaffen van de doorsneepremie
•    Eventuele inhaalindexatie
•    Een generieke verhoging 

Dankzij deze aanpak konden de pensioenuitkeringen vanaf februari worden aangepast naar het nieuwe niveau in het vernieuwde stelsel. Tegelijkertijd werd het verschil tussen de oude en de nieuwe uitkering over januari met terugwerkende kracht nabetaald.


Waarom tweetraps-aanpak?
De keuze voor de overgang in januari was een bewuste strategische beslissing. Een volledige omzetting vóór de eerste uitbetaling in januari was niet haalbaar, onder andere omdat het fondsvermogen per eind december pas later beschikbaar was. De definitieve cijfers waren nodig om een accurate berekening te kunnen maken van de verdeling van de buffer. Daarnaast was de doorlooptijd van de berekeningen en controles te lang in combinatie met de benodigde doorlooptijd voor het uitkeringsproces. Bovendien is de overgang naar het vernieuwde pensioensysteem een complex proces dat niet overhaast uitgevoerd kan en mag worden. Door de verdeling in twee stappen kon elke stap zorgvuldig worden uitgevoerd en gecontroleerd. Als laatste werd door de tweetraps-aanpak het risico op administratieve achterstanden en fouten verkleind. Door begin januari al persoonlijke pensioenvermogens in het nieuwe systeem te zetten, kon de uitkeringenadministratie direct onder het nieuwe stelsel functioneren en voor correcte januari-uitkeringen zorgen. Alternatieve werkwijzen zouden foutgevoelig en minder efficiënt zijn geweest.


Trap 2: van berekening tot implementatie
Trap 2 begon op 14 januari met als doel de transitie van het fonds op basis van het daadwerkelijke fondsvermogen. Vanaf 20 januari kon de pensioenuitvoering gefaseerd starten met de reguliere werkzaamheden, waaronder het verwerken van de aangepaste pensioenuitkeringen. Dit vormde de basis voor de verhoogde februari-uitkering, inclusief nabetaling over de maand januari.

Dankzij de tweetraps-aanpak kon APG zowel snelheid als zorgvuldigheid realiseren in de overgang naar de Wet toekomst pensioenen (Wtp). Daardoor bleef de transitie beheersbaar en konden zowel operationele als actuariële processen gecontroleerd verlopen.