“Het nieuwe stelsel kan het vertrouwen herstellen”

Gepubliceerd op: 17 mei 2023

Ook in 2023 zijn de ogen gericht op het vernieuwde pensioenstelsel. Hoe staan we ervoor in aanloop naar die overgang? En welke uitdagingen voor de komende jaren brengt de transitie met zich mee? In een reeks interviews, die eerder in het APG jaarverslag verscheen, bogen enkele experts – van binnen én buiten APG – zich over die vragen. In deze aflevering: Kim Putters, voorzitter van de Sociaal-Economische Raad (SER) en hoogleraar Brede welvaart aan Tilburg University

Het vertrouwen in instituties is laag, het is een tijd van grote financiële onzekerheid. Wat is er nodig voor het herstel van vertrouwen bij de hervorming van het stelsel?

 

“Onzekerheid over de maatschappelijke en financiële houdbaarheid was de aanleiding voor het kabinet om de SER in 2014 om advies te vragen over de toekomst van het pensioenstelsel. Tijdens SER-bijeenkomsten bleek dat veel deelnemers niet begrepen hoe de beleggingsopbrengsten in het huidige stelsel worden verdeeld. Dat tastte het vertrouwen aan. Een succesvolle introductie helpt dat te herstellen. Net als een evenwichtige uitwerking van het vernieuwde stelsel over de verschillende generaties. Zodat alle deelnemers inzien dat het stelsel voor hen meerwaarde heeft.”

Er is niettemin veel discussie over de invoering van het vernieuwde stelsel?

“Er zijn forse effecten, kosten en risico’s aan de transitie verbonden. De sociale partners en de overheid zijn samen verantwoordelijk voor de manier waarop de afschaffing van de doorsneeproblematiek wordt gecompenseerd. Het is belangrijk dat de overgang naar het nieuwe stelsel met leeftijdsonafhankelijke premies evenwichtig en kostenneutraal plaatsvindt – zie ook het SER-advies 'Toekomst Pensioenstelsel'. De pensioenopbouw van de getroffen werknemers moet adequaat worden gecompenseerd. Een effectieve overgang naar het nieuwe stelsel vergt een enorme inspanning van sociale partners, pensioenuitvoerders en de overheid.”

Hoe ziet u de toekomst van het Nederlandse poldermodel en de representatie binnen de achterban van de sociale partners?

“Er is in mijn ogen geen ander alternatief dan naar gedragen oplossingen vanuit de polder te streven. Juist in deze tijd van polarisatie en politieke fragmentatie. Een paar randvoorwaarden zijn cruciaal. Allereerst moet de SER consequent blijven redeneren vanuit mensen. Als je je onvoldoende verdiept in wat er in de praktijk gebeurt, blijven echte oplossingen uit. Ook moeten we nadenken over een compacte, samenhangende agenda. Wij worden geacht om de korte termijn te verbinden aan de middellange- en langetermijnperspectieven voor ons land. Dat zijn grote ecologische, economische en maatschappelijke transities. Dat vergt systeemveranderingen van verduurzaming tot circulaire economie, van de strijd tegen ongelijkheid in het onderwijs en een inclusieve arbeidsmarkt tot digitalisering. We willen die veranderingen in een inclusieve en duurzame richting sturen. Een breed draagvlak helpt om meerstemmigheid en diversiteit een stevige plek te geven, daarom versterken we bijvoorbeeld de positie van zzp'ers binnen onze raad.”