Milieu
Sluiten

Navigeer snel in deze serie:

Sluiten

Deel deze serie:

Milieu

Iedereen kan een verschil maken in hoe we met het klimaat en milieu omgaan. Maar het zijn de grote bedrijven op aarde die zorgen voor de grootste impact. Welke eisen stellen we aan het milieubeleid van de bedrijven waarin we investeren? Aan de manier waarop ze afval verwerken? Hoe stimuleren we klimaatgericht en circulair denken? We vertellen het hier.

Thema
Duurzaamheid
Collectie inhoud
26 Publicaties

“Is het nieuwe klimaatplan van de EC slecht voor de aandelenmarkt?”

Gepubliceerd op: 15 juli 2021

Actuele kwesties op het gebied van economie, (verantwoord) beleggen, pensioen en inkomen: iedere week geeft een expert van APG een helder antwoord op de vraag van de week. Deze keer: aandelenbelegger Martijn Olthof, over de impact van strenger klimaatbeleid en hogere CO2 prijzen op de aandelenmarkten.

 

Fit for 55. Dat is de naam van het plan dat de Europese Commissie op 14 juli lanceerde om de Europese uitstoot in 2030 met 55% te hebben teruggebracht. Een belangrijk onderdeel van dat plan is de herziening van het emissiehandelssysteem (EU Emissions Trading System, ETS). Bedrijven die uitstoot veroorzaken, moeten die verplicht compenseren via de aankoop van CO2-emissierechten. Daarvoor kunnen ze terecht binnen het ETS.

 

De algemene verwachting is dat Fit for 55 zal leiden tot hogere en breder toegepaste prijzen voor CO2-uitstoot in Europa. Om de Parijs-doelen te halen, zal dat ook wel moeten, ondanks de grote stijging die we dit jaar al gezien hebben. Maar hogere prijzen voor uitstoot leiden tot hogere kosten voor bedrijven. Hier en daar wordt gespeculeerd dat dit zal leiden tot dalende aandelenmarkten. Terecht?

 

Winnaars en verliezers

Volgens Olthof is die redenering veel te kort door de bocht. “Het is duidelijk dat de prijs van CO2-uitstoot flink omhoog moet om het echt zoden aan de dijk te laten zetten. En in de meeste Parijs scenario’s zal dat ook gebeuren. Maar je kunt echt niet voorspellen dat een stijging van de CO2-prijs leidt tot een bepaalde daling van de aandelenmarkten. Het hangt van zóveel meer factoren af. Wat je zult zien, is dat er onder bedrijven winnaars en verliezers ontstaan.”

Of een bedrijf ‘winnaar’ of ‘verliezer’ wordt, hangt af van een aantal factoren. “Bedrijven die niet op tijd de omslag maken naar nul uitstoot  en een product leveren waarvoor een duurzamer alternatief bestaat, gaan lijden onder een hoge CO2-prijs. Hun product wordt dan simpelweg te duur ten opzichte van het alternatief. Je kunt dan bijvoorbeeld denken aan kolencentrales. De afnemer kan immers ook terecht bij ondernemingen die groene energie leveren, met nul uitstoot. Die energiebedrijven maken minder kosten en kunnen dus goedkoper leveren. Maar als je bijvoorbeeld een cementbedrijf bent – waarmee je flinke uitstoot veroorzaakt – zijn er op dit moment weinig alternatieven voor je product. Dat soort ondernemingen kunnen de kosten van een hogere CO2-prijs grotendeels doorbelasten aan de klant. Daardoor hebben ze er minder snel en minder direct last van als uitstootrechten duurder worden.”         

Juist de fossiele bedrijven kunnen baat hebben bij duidelijk beleid zoals Fit for 55

Spekkoper

Toch is het volgens Olthof nog lastig om te voorspellen wélke bedrijven precies spekkoper worden bij een hoge prijs voor CO2-emissierechten. “Daarvoor zijn er simpelweg nog te veel onzekerheden over hoe de energietransitie zich gaat ontvouwen. Of er een alternatief bestaat voor een bepaald product en tegen welke prijs, is namelijk sterk afhankelijk van technologische ontwikkelingen. Voor de lange termijn laten die zich lastig voorspellen.”  

Je zou het in eerste instantie niet zeggen, maar juist de fossiele bedrijven kunnen baat hebben bij duidelijk beleid zoals Fit for 55. “Het mooie van Fit for 55 is dat het duidelijkheid biedt aan veel bedrijven die schrééuwen om dit soort maatregelen. Er komt bijvoorbeeld meer steun voor groene brandstoffen. Als daarnaast ook de CO2-prijs stijgt, ontstaat er voor bedrijven een dubbele prikkel om bijvoorbeeld biokerosine te produceren. Dát is wat bedrijven willen, want dan weten ze zeker dat er een markt voor is. Veel oliebedrijven zéggen ook dat ze voorstander zijn van een hoge en stabiele CO2-prijs. Ook omdat afvang en opslag van CO2 dan pas rendabel wordt. Wat je nodig hebt, is een gezonde combinatie van verschillende beleidsmaatregelen. Dat betekent dat je bijvoorbeeld vliegmaatschappijen verplicht tot het gebruiken van een minimaal percentage aan biokerosine of andere groene brandstof. Als je daarnaast zorgt voor onder andere een hogere CO2-prijs en je past die breder toe op meer sectoren, dan gaan bedrijven stappen zetten naar nieuwe technologieën. Omdat ze meer zekerheid hebben dat ze de daarvoor vereiste grote investeringen ook gaan terugverdienen.”

 

Hard ingrijpen

En zelfs als een hogere CO2-prijs de aandelenkoersen drukt, kun je je afvragen hoe erg dat is, zegt Olthof. “Wat is het alternatief? Als je catastrofale klimaatverandering krijgt, of later hard overheidsingrijpen omdat de doelen van Parijs niet gehaald worden, is dat wellicht veel slechter voor de aandelenmarkt. Om die doelen te halen, zijn gigantische investeringen nodig. Dan moet de overheid ervoor zorgen dat het voor private sector aantrekkelijk genoeg is om die investeringen te doen. Met scherp en duidelijk klimaatbeleid kan ze daarvoor zorgen.”

Volgende publicatie:
APG neemt 20 procentsbelang in grootste leverancier stadsverwarming in Zweden

APG neemt 20 procentsbelang in grootste leverancier stadsverwarming in Zweden

Gepubliceerd op: 1 juli 2021

Een consortium onder leiding van APG heeft een belang van 50 procent genomen in Stockholm Exergi Holding AB. Met bijna tien terawattuur aan geleverde energie per jaar en een omzet van bijna € 700 miljoen, is Stockholm Exergi (700 werknemers) de grootste leverancier van stadsverwarming in Zweden. Het bedrijf geldt als een toonbeeld van duurzaamheid en wil in 2025 zelfs klimaatpositief zijn.

Het consortium bestaat naast APG uit PGGM, Alecta, Keva and AXA Investment Managers. APG verwerft het 20%-belang voor opdrachtgever ABP, die daarmee verder vorm geeft aan haar ambities op het vlak van klimaat en verantwoord beleggen. Het totale belang van 50 procent werd overgenomen van het Finse energieconcern Fortum. De 800.000 afnemers van Stockholm Exergi bevinden zich met name in en rondom Stockholm. De overige 50 procent is in handen van de stad Stockholm.


Uitblinker
Carlo Maddalena, Senior Portfolio Manager bij APG: “De investering in Stockholm Exergi past naadloos in onze infrastructuurstrategie. Met haar sterke duurzaamheidsfocus bevindt het bedrijf zich in de voorhoede van de energietransitie.”

Volgens Maddalena zijn de fundamenten van Stockholm Exergi sterk. “De verwarmingsbehoefte van een land als Zweden is groot, waardoor het verbruik van stadsverwarming per inwoner tot één van de hoogste in Europa hoort. Voor Zweden is stadsverwarming daarom kerninfrastructuur van nationaal belang. Daarnaast levert Stockholm Exergi ook elektriciteit aan het lokale net, wat veel van de huidige capaciteitsproblemen oplost. De transactie bood een unieke kans om een belang in een ​​toonaangevend, omvangrijk nutsbedrijf in Scandinavië te verwerven. Investeringen van deze kwaliteit zijn schaars zijn in deze regio."


Internationaal rolmodel

De duurzaamheidsdoelstellingen van het bedrijf zijn zeer ambitieus: "Stockholm Exergi heeft zichzelf ontwikkeld tot een fossielvrije energieleverancier en wil in 2025 klimaatpositief worden. Daartoe ontwikkelde het al een aantal projecten, die zich nog in een vroeg stadium bevinden. Deze strategie sluit aan bij de ambitie van de stad Stockholm om een ​​internationaal rolmodel te worden op het gebied van duurzaamheid. Stockholm Exergi speelt een belangrijke rol in het realiseren van deze lokale – en nationale – klimaatambities."

Het dealteam van APG dat aan de transactie werkte, bestond uit Carlo Maddalena, Bart Saenen, Jan Jacob van Wulfften Palthe, Marjolaine Lopes en Silvan Koortens.

Volgende publicatie:
2020: Doorpakken op duurzame ambities

2020: Doorpakken op duurzame ambities

Gepubliceerd op: 30 juni 2021

APG publiceert Verslag Verantwoord Beleggen

 

APG heeft in 2020 opnieuw grote stappen gemaakt als het gaat om verantwoord beleggen. Door continu te verbeteren kunnen we aan de groeiende duurzame ambities van onze pensioenfondsen blijven voldoen. Dat blijkt uit het vandaag gepubliceerde Verslag Verantwoord Beleggen.

 

Verantwoord beleggen is een van de strategische pijlers van APG. In hun voorwoord constateren Annette Mosman (bestuursvoorzitter), en Ronald Wuijster (bestuurslid verantwoordelijk voor vermogensbeheer) dat door de coronacrisis de toch al toenemende aandacht voor verantwoord beleggen in een stroomversnelling is gekomen. “Niet alleen bij maatschappelijke organisaties, maar ook in de media en bij de deelnemers van de pensioenfondsen waarvoor APG werkt. Daar luisteren we goed naar, want we realiseren ons dat we ons bestaansrecht ontlenen aan de deelnemers en voor hén werken aan een goed pensioen.”

 

Beleggen in duurzame ontwikkeling

Eind 2020 hadden we namens onze pensioenfondsen ruim € 90 miljard belegd in bedrijven en projecten die bijdragen aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (Sustainable Development Goals: SDG’s). Deze zijn in 2015 opgesteld door de Verenigde Naties om te komen tot een betere en duurzame wereld. Onze pensioenfondsen ABP en bpfBOUW hebben beide een doelstelling voor beleggen in de SDGs. Een aanzienlijk deel van onze beleggingen in de SDGs (€ 12,2 miljard) bestaat uit gelabelde obligaties. Dit zijn obligaties uitgegeven door bedrijven, overheden en instanties voor de financiering van groene, sociale of duurzame projecten.

 

APG heeft in 2020 samen met drie internationale beleggers het SDI Asset Owner Platform opgericht om beleggen in de Duurzame Ontwikkelingsdoelen te stimuleren. Onze ambitie is om hiervan een wereldwijde standaard te maken. Op die manier kunnen we samen met andere verantwoorde beleggers bijdragen aan doelen als duurzame steden en gemeenschappen, betaalbare en duurzame energie en actie voor het klimaat.

 

Bijdragen aan de aanpak van de corona-crisis

Eind 2020 had APG namens de pensioenfondsklanten ruim € 1 miljard belegd in zogenoemde corona-obligaties. De opbrengsten van deze obligaties worden gebruikt om de pandemie en de gevolgen van de lockdown voor mensen en bedrijven te bestrijden. Voorbeelden daarvan zijn uitbreiding van de gezondheidszorg, programma’s voor behoud van werkgelegenheid en ondersteuning van het MKB.

 

Ook drongen we er in 2020 – zowel individueel als samen met andere grote beleggers – bij bedrijven op aan om de sociale gevolgen van de crisis te beperken en de gezondheid van werknemers voorop te stellen. Volgens de Amerikaanse organisatie Responsible Asset Allocation Initiative behoort APG wereldwijd tot de vermogensbeheerders die het meeste doen om de gevolgen van de pandemie aan te pakken.

De CO2-voetafdruk van onze aandelenbeleggingen is met 39% gedaald ten opzichte van het peiljaar 2015.

Klimaatverandering en de energietransitie

De CO2-voetafdruk van onze aandelenbeleggingen is met 39% gedaald ten opzichte van het peiljaar 2015. Alle pensioenfondsen waarvan wij het vermogen beheren hebben hier een doelstelling voor. Dit jaar publiceren we voor het eerst ook de CO2-voetafdruk van onze beleggingen in bedrijfsobligaties, vastgoed en private equity (57% van de totale portefeuille). Uiterlijk in 2022 koppelen onze fondsen hieraan klimaatdoelstellingen voor 2030. APG heeft bijgedragen aan een raamwerk voor het rapporteren van CO2-impact en aan een overzicht van meetmethoden voor de CO2-voetafdruk in de Nederlandse financiële sector.

 

Eind 2020 belegden wij namens onze fondsen € 15,9 miljard in het Duurzame Ontwikkelingsdoel ‘Betaalbare en Duurzame Energie’ (SDG 7). Door hierin te beleggen, verminderen we klimaatrisico’s in onze beleggingsportefeuille en dragen we bij aan de energietransitie.

 

Effect op risico en rendement

In 2020 hebben we een methode ontwikkeld die inzicht geeft in het effect van insluiten (het meewegen van duurzaamheidsaspecten bij elke beleggingsbeslissing) en uitsluiten van beleggingen op het rendement van de aandelenportefeuille. Over de afgelopen twee jaar is het effect licht positief. Daarbij hoort de kanttekening dat we pas uitspraken kunnen doen over de lange termijn als we gedurende een langere periode hebben gemeten. In 2021 ontwikkelen we ook methoden om na te gaan wat het effect van de andere instrumenten voor duurzaam en verantwoord beleggen op risico en rendement is, zoals sturen op vermindering van de CO2-voetafdruk en beleggen in de Duurzame Ontwikkelingsdoelen.

 

Eigen bedrijfsvoering

Hoewel APG de grootste duurzame impact kan realiseren met de beleggingen die we voor onze pensioenfondsen beheren, vlakken we ook de effecten van onze eigen bedrijfsvoering niet uit. We kunnen de lat voor bedrijven waarin we beleggen alleen hoog leggen als we dat voor onszelf ook doen. Ook motiveren we medewerkers op die manier om duurzaamheid in hun dagelijkse werk en keuzes mee te nemen. In 2030 wil APG aantoonbaar een klimaatneutrale bedrijfsvoering hebben. Om de besluitvorming over de duurzame ambities vorm te geven, wordt een Sustainability Board opgericht onder leiding van bestuursvoorzitter Annette Mosman. Meer hierover in ons jaarverslag.

 

Duurzame toekomst

APG belegt ruim 570 miljard euro voor onze pensioenfondsklanten ABP (overheid), bpfBOUW, SPW (woningbouwverenigingen) en PPF APG, het pensioenfonds van de eigen medewerkers. Onze pensioenfondsen hebben hun ambities en doelstellingen op het gebied van verantwoord beleggen aangescherpt. ABP maakte al in 2020 zijn nieuwe beleid tot 2025 bekend; bpfBOUW en SPW hebben dat onlangs gedaan. Net als onze pensioenfondsen blijft APG zich ontwikkelen op het gebied van verantwoord beleggen. Wij willen ‘samen werken aan jouw duurzame toekomst’. Een toekomst met een goed en betaalbaar pensioen, in een duurzame, leefbare en inclusieve samenleving. Daar zetten wij ons voor in, nu en in de toekomst.

Volgende publicatie:
“Transitie naar houtbouw gaat niet van vandaag op morgen”

“Transitie naar houtbouw gaat niet van vandaag op morgen”

Gepubliceerd op: 16 juni 2021

APG gaat investeren in ruim tachtigduizend hectare FSC-gecertificeerd Chileens productiebos. Hoe kom je tot zo’n belegging? Hoe ziet de markt eruit? En hoe verhoudt bomenkap zich tot duurzaamheid? Zes vragen aan Vittor Cancian, Senior Portfoliomanager Natural Resources bij APG.

 
Waarom belegt APG in bos?
“Voor een belegger met duurzaamheidsambities is bosbouw aantrekkelijk omdat verantwoord beheerde bossen aantoonbaar bijdragen aan het bereiken van de Sustainable Development Goals. Bomen nemen immers CO2 op en FSC-gecertificeerd bos draagt bij aan de biodiversiteit. 


Vanuit rendements- en risicoperspectief gezien is bosbouw voor een pensioenfonds een goede belegging omdat het rendement meegroeit met het algemene prijspeil. Daardoor biedt het een natuurlijke bescherming tegen inflatie. Pensioenfondsen streven ernaar om pensioenen zoveel mogelijk met de inflatie te laten meegroeien. Dan helpt het als het rendement van je beleggingen óók meegroeit met het algemene prijspeil.


Een ander voordeel van bosbouw is dat het spreiding aanbrengt in je totale beleggingsportefeuille. De prijzen bewegen namelijk niet sterk mee met ontwikkelingen op financiële markten, zoals bij aandelen of obligaties. Dus als de aandelenmarkten even wat minder rendement geven, hoeft dat voor bosbouwbeleggingen niet te gelden. Die twee voordelen – diversificatie en bescherming tegen inflatie – gelden overigens ook voor beleggingen in landbouw.


Het mooie van bosbouw is ook dat je, afhankelijk van de marktprijs van hout, het besluit om bomen te kappen kunt uitstellen of versnellen. Als in een bepaald jaar de prijs van hout te laag is, kun je wachten op een beter moment om te verkopen. Het voordeel is dat de bomen ondertussen gewoon doorgroeien, waardoor de economische waarde toeneemt. Of je kunt juist eerder verkopen, als de prijs wel goed is.”


Is het niet nóg duurzamer om die bomen te laten staan?

“We beleggen alleen in productiebossen. Dat impliceert dat je op een gegeven moment het besluit neemt om te kappen. Al onze beleggingen in bosbouw worden overigens gemanaged volgens het FSC of een vergelijkbaar keurmerk. Die certificering krijg je alleen als je bossen op een duurzame manier beheert. Dat houdt onder andere de verplichting in om voor iedere boom die je kapt weer een nieuwe boom aan te planten.


Een oudere boom vertegenwoordigt een hogere economische waarde dan een jonge boom. Daarnaast vlakt bij oudere bomen de CO2-opname af doordat ze niet meer zoveel groeien. Vanuit financieel oogpunt maar ook kijkend naar de verminderde CO2-opname heeft het dus zin om deze bomen te kappen en het hout te verkopen. Jonge bomen daarentegen groeien snel en hebben daar CO2 voor nodig. Selectief kappen en weer aanplanten, houdt de longen van de aarde dus juist vitaal. De FSC-certificering vereist ook dat je zorgdraagt voor biodiversiteit en aandacht hebt voor de sociale en economische impact op het gebied waarin je actief bent.”


Houtbouw is in opkomst. Levert dat niet ook een duurzaamheidsbijdrage?

“Als je houtbouw gaat inzetten als alternatief voor beton en cement, levert dat absoluut een duurzaamheidsvoordeel op. De door bomen opgenomen CO2 is dan voor een lange termijn opgeslagen. Het produceren van beton en cement daarentegen zorgt voor relatief veel CO2-uitstoot. Als je dat echt in de prijs zou meenemen, zou er een financieel gunstiger businesscase voor houtbouw ontstaan.


Je ziet wel een ontwikkeling om meer met hout te gaan bouwen. In 2019 is in Noorwegen het hoogste houten gebouw ter wereld geopend (de Mjøstårnet in Brumunddal telt 18 verdiepingen en is 85,4 meter hoog, red.). In Amsterdam Oost is Hotel Jakarta een goed voorbeeld. Vanaf 2025 moet in Amsterdam één op de vijf nieuwe huizen van hout gemaakt zijn. Maar de bouwsector is best conservatief. De transitie naar meer hout en minder beton zal niet van de ene op de andere dag plaatsvinden.”

 

Om wat voor hout gaat het precies en waar belegt APG zoal?

“Bij onze bosbouwbeleggingen gaat het meestal om twee boomsoorten: zachthout – zoals Radiata Pine in Chili, Australië en Nieuw Zeeland en Douglas Fir in de Verenigde Staten – en hardhout. Bij die laatste gaat het om bijvoorbeeld Eucalyptus maar ook om soorten als Black Cherry en Amerikaans eikenhout voor de meubelindustrie. Zachthout wordt voornamelijk in de bouw gebruikt. Eucalyptushout wordt ook in de pulp & paper industrie gebruikt.”


Gaan er meer beleggingen zoals in Chili volgen?

“Dat is wel onze verwachting. We bewegen nu naar een strategie waarin we de huidige 1,8 miljard euro in bosbouw en landbouw de komende jaren willen uitbreiden naar 3-5 miljard euro. De rest van de Natural Resources portfolio zal de komende tijd op een verantwoorde wijze worden afgebouwd.


Om dit soort beleggingen te vinden, hebben we ons team verdubbeld. Die nieuwe mensen hebben Hong Kong of New York als standplaats. Het is belangrijk dat ze dicht bij de markt zitten. Ze moeten de lokale dynamiek voelen en hun eigen lokale netwerk hebben. Dat is niet alleen belangrijk voor het selecteren van de juiste beleggingen, ook het managen van zo’n belegging gaat beter als je in de buurt zit. Door COVID-19 is dat nu wat lastiger, maar normaal gesproken gaan we ook altijd ter plekke kijken als we een belegging zoals in Chili op het oog hebben. We willen de organisatie zien, het management en alle andere aspecten die je wilt beoordelen om te zien wat voor vlees je in de kuip hebt.”


Een van APG’s mede-investeerders in het Chileense bos gaf aan bijna tien jaar op zoek te zijn geweest naar een veelbelovende belegging van deze grootte. Is er voldoende bosbouw te vinden die aan jullie eisen voldoet, om die miljarden extra te kunnen investeren?

“Ja, maar de mogelijkheden om in bosbouw te beleggen en de toegang tot de markt verschillen van land tot land. Australië en Nieuw-Zeeland bijvoorbeeld hebben een goed ontwikkelde bosbouwsector, met voldoende omvang. Die markten zijn voor een belegger goed toegankelijk en bieden genoeg mogelijkheden. In andere landen is het wat lastiger omdat de markten daar nog niet zo ontwikkeld zijn. In dat soort landen moet je vaak nog proactiever zijn en een bepaalde structuur creëren om in bosbouw te kunnen beleggen. Onze investering in Chili is daar een goed voorbeeld van. Samen met twee andere partijen hebben we een joint venture opgericht, die dit productiebos heeft overgenomen van Arauco.


Ook Chili heeft een goed ontwikkelde bosbouwsector. Maar die is voornamelijk in handen van een paar grote bedrijven die houtproducten leveren aan de bouwindustrie – bijvoorbeeld MDF of OSB (beide van resthout geperste producten, red.). Om verzekerd te zijn van voldoende hout voor hun productie, willen ze ook eigenaar zijn van de bossen. Dus die verkopen niet zomaar. Arauco is één van die bedrijven. Nu doet zich echter de situatie voor dat deze ondernemingen kapitaal nodig hebben om verder te investeren in nieuwe productiefaciliteiten. Om daar aan te komen, verkopen ze een deel van hun bossen aan grote institutionele beleggers – vaak met de verplichting om jaarlijks een bepaald deel van het hout aan hen te leveren. Uiteraard tegen de dan geldende marktprijs. Een mooie kans dus. De omvang – deze joint venture wordt de op twee na grootste houtproducent van Chili – en de kwaliteit van de FSC-bossen die Arauco op de markt bracht, zijn bijzonder. Dus de competitie voor deze transactie was groot. APG is al in 2007 begonnen met beleggen in bosbouw dus we zijn inmiddels ervaren in deze sector. Dat geldt ook voor onze partners. We konden daardoor vrij snel een sterk consortium vormen en het ijzer smeden toen het heet was.”

Volgende publicatie:
“Nu ik jullie ken, denk ik al helemáál niet meer dat pensioen saai is”

“Nu ik jullie ken, denk ik al helemáál niet meer dat pensioen saai is”

Gepubliceerd op: 11 juni 2021

Scholier Chayma (14) is één dag Baas van Morgen bij APG

Stel: je bent 14 jaar en krijgt de mogelijkheid om een halve dag de touwtjes in handen te hebben bij APG. Chayma Charafi, scholier aan het Sintermeertencollege in Heerlen, greep die kans met beide handen aan. In het kader van landelijk initiatief Baas van Morgen stond Groeifabriek-‘baas’ Anne-Marie Le Doux haar stoel af aan Chayma. Virtueel dan. Maar het maakte de dag er niet minder bijzonder om. En leerzaam, óók voor APG. “We kunnen serieus veel leren van hoe jongeren naar pensioen kijken.”

“Nu ik een paar collega’s beter heb leren kennen denk ik al helemáál niet meer dat pensioen saai is”, vertelt Chayma enthousiast aan het einde van het ochtendprogramma. Een mooie bijvangst van de opdracht waarmee de mavo 3-studente die ochtend aan de slag is gegaan: antwoord vinden op de vraag hoe APG de leerprogramma’s over complexe materie als pensioen en beleggen aantrekkelijker kan maken voor jonge medewerkers. Anne-Marie Le Doux en een aantal collega's helpen Chayma deze ochtend mee om haar tijdelijke nieuwe rol zo onvergetelijk mogelijk te maken.

Meer beeld, minder tekst

“Ik verwacht vandaag veel te leren en heb er zin in”, post Chayma ‘s ochtends op het Facebook- en Linkedin-account van APG. En die missie lijkt geslaagd. Sterker nog: Chayma leert APG ook een hoop. In haar presentatie komt ze met een aantal rake aanbevelingen om jonge APG’ers beter te bereiken. “Maak nog veel meer gebruik van beeld. En minder tekst. Ik zie dat in het lesmateriaal bij ons op school ook. We vinden het veel leuker om te blijven kijken naar interessante video’s met een goede verhaallijn, dan dat we een saaie lange tekst krijgen voorgeschoteld.” Het blijkt een eye-opener voor de collega’s met wie Chayma die ochtend optrekt. Anne-Marie: “Dat is echt de rode draad van vandaag: als je leren leuk maakt, komt het ook beter binnen. We zijn bij APG soms geneigd het werk veel te serieus te maken. En dat zie je terug in de manier waarop we erover communiceren of informeren. Chayma doet ons weer even beseffen dat het niet effectief is om dingen te zwaar te maken. Dan komt het in de leerprogramma’s voor jonge medewerkers simpelweg niet aan.”

Collega’s in video’s

Andere aanbevelingen van de scholiere? “Maak meer gebruik van social media om te verwijzen naar interessante informatie of kanalen. Het is echt niet erg als het niet allemaal door APG zelf is gemaakt. Wel denk ik dat het een goed idee is om collega’s die veel kennis hebben van pensioenen en beleggen, dat in video’s te laten vertellen.” Birte van Ouwerkerk, die hielp bij de presentatie, merkt op dat de generatie van Chayma veel meer in beelden denkt. “Waar wij dat beeld nog moeten vormen, dus hoe verwoord je iets in beelden, hebben jongeren dat al meteen paraat. Dat is heel waardevol.”
 

Onder de indruk

Als Chayma vertelt, zie je de collega’s met wie ze samenwerkte, glunderen. Raban van Deursen: “We kunnen serieus veel leren door met de ogen van een 14-jarige naar ons werk te kijken. Toen we vroegen aan Chayma hoe jongeren naar pensioen zouden kijken, was haar directe antwoord: heb je het ze zelf al eens gevraagd?” Ronald van Hengel is eveneens onder de indruk van de analyses van de jonge baas die ochtend: “Jongeren hebben echt een andere blik. Scherper zelfs. En dat houdt ons alert. Ik ben onder de indruk hoe ze zo snel het ‘probleem’ begreep en daarmee aan de slag ging.”

Aanpakken

De Baas van Morgen is een initiatief van JINC, waarin scholieren uit wijken met een sociaaleconomische achterstand een steuntje in de rug kunnen gebruiken voor een eerlijke(re) kans op de arbeidsmarkt. Volgens Anne-Marie heeft Chayma dat steuntje eigenlijk helemaal niet nodig: “Ik ontmoette Chayma al een aantal keer eerder voor deze dag en heb haar leren kennen als een superondernemend type. Ze dóet dingen gewoon. Aanpakken! Ook daar kunnen wij volwassenen ook nog wel iets van leren.”

Leuk natuurlijk, dat educatief bezig zijn, maar waar draait het écht om bij Baas van Morgen? Om de baas zijn natuurlijk! Beviel dat een beetje? “Volgens mij is het best goed gelukt om de leiding te nemen. Ik kon met eigen ideeën komen en die ook uitvoeren”, zegt Chayma. Oftewel: binnenkort aan de slag bij APG? “Wie weet. Ooit.”

Nu eerst focus op de dingen die er als tiener écht toe doen: foto’s maken, sporten en etentjes met vriendinnen. Gelijk heb je, Chayma.

Volgende publicatie:
APG ondersteunt Partnership for Biodiversity Accounting Financials (PBAF)

APG ondersteunt Partnership for Biodiversity Accounting Financials (PBAF)

Gepubliceerd op: 4 maart 2021

Samenwerking om bij te dragen aan herstel biodiversiteit

APG ondersteunt namens haar pensioenfondsklanten het Partnership for Biodiversity Accounting Financials (PBAF). Binnen dit samenwerkingsverband ontwikkelen financiële instellingen een gezamenlijke methodiek om de impact van hun beleggingen op biodiversiteit te meten en rapporteren. Via hun beleggingen kunnen ze zo gericht sturen op herstel en bescherming van de natuur.

PBAF is een initiatief van ASN Bank en enkele ‘founding partners’. Vandaag werd bekend dat vijftien financiële instellingen zich bij het platform aansluiten of het ondersteunen. Hun gezamenlijke ambitie is om hun impact op biodiversiteit meten, hier transparant over communiceren en doelen gaan stellen om hun ‘ecologische voetafdruk’ te verbeteren.

Gezamenlijke aanpak

Roel Nozeman, senior adviseur biodiversiteit bij ASN Bank en voorzitter van PBAF, is enthousiast over de uitbreiding. “Een groeiende groep financiële instellingen beseft dat het verlies van biodiversiteit een groot risico vormt, voor de maatschappij én de economie, en dat actie nodig is. Via onze beleggingen kunnen we de schade aan ecosystemen beperken en bijdragen aan bescherming en herstel van de natuur. Dat vraagt wél om een gezamenlijke aanpak om onze impact te meten en data te gebruiken. Met alle nieuwe partners gaan we daar nu verder aan bouwen.”

Biodiversiteit onder druk
Biodiversiteit is de variatie aan leven en aan ecosystemen - de gebieden waarin dit leven voorkomt, zoals bossen, bodem en zeeën. Wereldwijd neemt de biodiversiteit snel af. Dat is slecht nieuws voor de natuur maar ook voor onze toekomstige welvaart. Veel economische sectoren zijn direct of indirect afhankelijk van de variatie aan planten, dieren en insecten in de wereld. Voorbeelden zijn landbouw en visserij, maar bijvoorbeeld ook de (chemische) industrie, vastgoed en transport.

Volgende publicatie:
APG stapt uit Koreaanse energiereus vanwege kolenexpansie

APG stapt uit Koreaanse energiereus vanwege kolenexpansie

Gepubliceerd op: 29 januari 2021

APG is uit het Zuid-Koreaanse nutsbedrijf KEPCO gestapt. Het bedrijf zette - ondanks onze grote bezwaren - plannen voor nieuwe kolengestookte elektriciteitscentrales door. In 2020 verkocht APG het belang in acht bedrijven vanwege plannen voor nieuwe of grotere kolencentrales.

APG besloot het belang in Korean Electricity Power Company (KEPCO) te verkopen nadat het bedrijf groen licht had gegeven voor de bouw van nieuwe kolencentrales in Indonesië en Vietnam. In lijn met de duurzame ambities en doelstellingen van onze pensioenfondsklanten heeft APG zich steeds tegen dit voornemen verzet. Bedrijven moeten stoppen met plannen voor nieuwe kolencentrales en een strategie hebben om de uitstoot van broeikasgassen sterk te verminderen.

Duurzaamheidsspecialist Yoo-Kyung (YK) Park van APG noemt het ‘teleurstellend’ dat het niet is gelukt om KEPCO van de uitbreidingsplannen te weerhouden. "Het besluit over de nieuwe kolencentrales was een lakmoesproef; wil het bedrijf zich echt houden aan de klimaatafspraken van Parijs en bijdragen aan de aanpak van de klimaatverandering? De bouw van deze kolencentrales verergert de klimaatcrisis en verslechtert de winstgevendheid van het bedrijf op de lange termijn."

Alles uit de kast

APG gaat namens de pensioenfondsklanten meestal eerst in gesprek met bedrijven die plannen hebben voor nieuwe kolencentrales. Dat gebeurde ook bij KEPCO. Park: "We hebben alles uit de kast gehaald om het bedrijf op andere gedachten te brengen. We schreven brieven aan het management, voerden de druk op in de media en trokken op met maatschappelijke- en milieuorganisaties. Omdat 51% van KEPCO in handen is van de Zuid-Koreaanse overheid, spraken we samen met andere beleggers ook de Koreaanse regering aan op haar verantwoordelijkheid. Helaas heeft dat geen resultaat opgeleverd."

Wereldwijd wordt 38% (Nederland 9%) van de elektriciteit opgewekt door steenkool te verbranden. In vergelijking met bijvoorbeeld aardgascentrales komt hierbij veel CO2 vrij. Verreweg de meeste kolencentrales staan in Azië. De groeiende economieën in de regio maken op grote schaal gebruik van kolencentrales om in de stijgende behoefte aan elektriciteit te voorzien. In de VS en Europa neemt het belang van kolengestookte elektriciteit juist sterk af.

We hebben alles uit de kast gehaald om het bedrijf op andere gedachten te brengen.

Verkoop vanwege kolenexpansie

Inclusief KEPCO verkocht APG in 2020 acht bedrijven met ruim 90 gigawatt aan kolengestookte capaciteit omdat ze plannen hadden voor uitbreiding van kolencentrales. De totale jaarlijkse CO2-uitstoot van deze bedrijven - allemaal gevestigd in Azië - is 624 miljoen ton.

Eerder lukte het wel om een aantal grote financiële instellingen in Zuid-Korea ervan te overtuigen te stoppen met het financieren van nieuwe kolencentrales en de klimaatambities flink aan te scherpen. Een belangrijke stap, meent Park. "Zuid-Korea is weliswaar aangesloten bij het Klimaatakkoord van Parijs, maar ondanks allerlei toezeggingen blijft het land een van de grootste CO2-uitstoters. Via druk op de financiers van kolencentrales proberen we daar verandering in te brengen."

Klimaatneutraal in 2050

APG’s grootste klant, ambtenarenpensioenfonds ABP, streeft naar een klimaatneutrale beleggingsportefeuille in 2050, in lijn met de afspraken van ‘Parijs’. Dit betekent dat de CO2-uitstoot van de beleggingen dan tot per saldo nul (net zero emissions) is teruggebracht. In het beleid van ABP zijn doelstellingen opgenomen om dat te bereiken. Zo wordt dit jaar begonnen met het verkopen van bedrijven die een groot deel van hun omzet uit kolenmijnen of teerzand halen en zal ABP in 2030 niet meer direct beleggen in kolencentrales zonder CO2-afvang in OESO-landen. Ook wil ABP in 2025 minstens € 15 miljard beleggen in het Duurzame Ontwikkelingsdoel ‘Betaalbare en schone energie’. Ook APG’s andere vermogensbeheerklanten – bpfBOUW, SPW en PPF APG – hebben doelstellingen op het gebied van klimaat, zoals een 40% lagere CO2-voetafdruk van de aandelenportefeuille in 2025 (in vergelijking met 2015).

Volgende publicatie:
APG klimaatneutraal in 2030

APG klimaatneutraal in 2030

Gepubliceerd op: 1 december 2020

Pensioenuitvoerder wil bij de besten van de klas horen op het gebied van duurzaamheid

 

APG heeft zich voorgenomen de 'best in class' te willen zijn op het gebied van duurzaamheid. Om hier invulling aan te geven, worden de komende jaren enkele stappen genomen. Zo is er een CO2-plan met als doel dat APG in 2030 een aantoonbaar klimaatneutrale bedrijfsvoering heeft.

 

Ook komt er een aanpak om duurzamer in te kopen en krijgt de pensioenuitvoerder een Sustainability Board. Deze bereidt de besluiten voor die de komende tijd nodig zijn om invulling te geven aan de duurzaamheidsambitie.

 

Leefbare wereld

APG neemt deze stappen voor mens, milieu en maatschappij, legt Group Sustainability Officer Loek Dalmeijer uit. "We willen dat de pensioendeelnemers in goede gezondheid leven in een duurzame samenleving waar ze volledig onderdeel van kunnen uitmaken." Dit doet de pensioenuitvoerder via beleggingen die namens de de pensioenfondsen worden gedaan. Maar ook door de eigen bedrijfsvoering te verduurzamen en inclusiever te maken en verantwoordelijkheid te nemen in de leveranciersketen.

 

Stand van zaken

"Ons pand in Amsterdam (Edge West) krijgt de hoogst mogelijke duurzaamheidsstandaard en ook in Heerlen wordt gewerkt aan verduurzaming", legt Dalmeijer de huidige stand van zaken bij APG uit. "De in 2018 vastgestelde doelstelling voor 2020, minimaal voldoen aan de eisen die we als belegger aan onze beleggingen stellen, hebben we gehaald. Ook heeft APG een inhaalslag gemaakt op duurzame huisvesting, diversiteit & inclusie en liggen er plannen klaar voor het verduurzamen van onze mobiliteit. Maar dat betekent niet dat we er al zijn."

 

Stap voor stap

Er zijn al veel initiatieven om de milieuvoetafdruk van APG te verminderen. Deze worden gebundeld en uitgebreid. "Allereerst werken we naar een energieneutrale huisvesting. Ook onderzoeken we of we in Heerlen van het gas af kunnen en bepalen we binnenkort de eisen die we gaan stellen aan onze kantoren in New York en Hong Kong."


Ook gaat APG CO2-uitstoot die wordt veroorzaakt door vervoersbewegingen reduceren. "We maken milieuvriendelijk reizen aantrekkelijker, gaan minder vliegen en onderzoeken of we op duurzamere biokerosine kunnen vliegen voor de vluchten die echt noodzakelijk zijn."
Tot slot worden leveranciers en collega's in de doelstelling betrokken. "CO2-uitstoot verminderen die ontstaat door ons papierverbruik of doordat ons afval niet goed gescheiden wordt voor hergebruik, kan alleen als iedereen daar een bijdrage aan levert."

Volgende publicatie:
“Iedereen heeft hier hetzelfde doel: een klimaatneutrale economie”

“Iedereen heeft hier hetzelfde doel: een klimaatneutrale economie”

Gepubliceerd op: 26 november 2020

Investeren in fossiele energie: hoe lang nog? Dat was een van de thema’s tijdens het beleggerspanel bij BNR Zakendoen deze week. Volgens Thijs Knaap, senior strategist bij APG Asset Management, is het niet realistisch en ook niet verstandig dat een pensioenfonds als ABP (met APG als uitvoerder) op korte termijn uit fossiele brandstoffen stapt. Want: “Je kunt beter een Nederlands pensioenfonds aan tafel hebben dan een aandeelhouder die minder begaan is met het milieu.”

 

Bovendien is het ook om economische redenen niet realistisch. 80 procent van de economie haalt de energie direct of indirect uit die fossiele brandstoffen. We zitten in een transitie naar iets wat er nog niet is. “Moet je dan stoppen met investeren in luchthavens, vrachtwagens?”

Knaap benadrukte dat ABP zeer goed naar de deelnemers luistert. “We delen de zorgen. ABP heeft een stevig duurzaam beleggingsbeleid. En iedereen heeft hetzelfde langetermijndoel: een klimaatneutrale economie.”

De vergelijking met de desinvestering van 4 miljard euro in fossiele brandstoffen die pensioenfonds PFZW recentelijk bekendmaakte gaat mank, aldus Knaap. “Dat gaat om termijnhandel. Niet om aandelen. Dat is een andere strategie.”

 

Gelabelde obligaties

Behalve over investeringen in fossiele brandstoffen, werd er ook gesproken over een interessante nieuwe trend in beleggerskringen: de zogeheten ‘gelabelde obligaties’. Volgens Knaap is 2020 “een goed jaar voor dit soort obligaties. In obligaties zit normaal gesproken weinig beweging, het is een soort verhandelbare schuld. Maar er zijn obligaties met een label, waarbij degene die ze uitgeeft van tevoren vastlegt waaraan ze besteed moeten worden. Aan groene of sociale doelen, bijvoorbeeld. Die labels worden populair, er is dit jaar al voor 304 miljard aan uitgegeven. Meer dan in 2019.”

Knaap verwees naar de zogeheten SURE Bonds  die worden uitgegeven door de EU. Die worden ingezet om arbeidsplaatsen binnen EU te beschermen.  APG heeft onlangs voor 170 miljoen  geïnvesteerd in deze SURE bonds. Knaap: “Het is een interessante ontwikkeling, want de belegger in schuld, wat normaal gesproken een belegger op afstand is, krijgt hiermee steeds meer invloed op het beleid. Want hij of zij kan ervoor kiezen om de juiste labels op zijn obligaties te plakken.” Als voorbeeld noemt hij de ECB. “Voorheen kocht de ECB-obligaties op en dat was een neutrale monetaire operatie. Maar je ziet dat ook daar steeds meer gelabelde obligaties worden gekocht. Van de juiste partijen met de juiste labels. Op die manier hebben investeerders toch een beetje invloed op wat er in de wereld gebeurt.”

 

Volgende publicatie:
Internationale erkenning voor klimaatrapportage APG

Internationale erkenning voor klimaatrapportage APG

Gepubliceerd op: 5 oktober 2020

APG Asset Management in ‘Leaders Group’ Principles for Responsible Investment

 

APG Asset Management krijgt erkenning van de Principles for Responsible Investment (PRI). PRI maakt vandaag bekend dat ze APG opneemt in haar Leaders Group van 2020. Elk jaar kiest PRI een groep van koplopers op een bepaald thema. Het thema van dit jaar is klimaatrapportage.

 

APG rapporteert al jaren over klimaatrisico's en kansen, in lijn met de aanbevelingen van de Task force on Climate-related Financial Disclosures (TCFD). "Voor onze klanten werken we aan het bereiken van doelen als CO2-reductie en investeringen in SDG 7: Betaalbare en schone energie", zegt Joost Slabbekoorn, Responsible Investment Specialist bij APG AM. "Deel uitmaken van de PRI 2020 Leaders' Group is een belangrijke erkenning van ons werk."

 

Klimaatrapportage

PRI, opgericht in 2006, is een wereldwijde organisatie van meer dan 3.000 vermogensbeheerders, vermogenseigenaren (zoals pensioenfondsen} en bedrijven die verantwoord beleggen willen bevorderen. Elk jaar selecteert PRI een groep leiders (niet gerangschikt) op een specifiek gebied van verantwoord beleggen. Het thema van dit jaar is klimaatrapportage. De 2020 Leaders Group bestaat uit 36 vermogenseigenaren en -beheerders.

 

PRI koos voor het thema klimaatrapportage, omdat veel van de ondertekenaars klimaatverandering beschouwen als een van de meest materiële ESG-risico's. "Aangezien klimaatrisico's en -kansen de komende jaren zullen toenemen, wordt het voor beleggers steeds belangrijker om deze te verwerken in in hun visie op de toekomst", zegt Slabbekoorn. Om het klimaatwerk van de aangesloten organisaties te beoordelen, onderzocht PRI ondermeer of ze een door de raad goedgekeurd uitvoeringsplan hebben om klimaatrisico's en -kansen te beheersen, hoe ze scenarioanalyse gebruiken en of ze werken aan specifieke klimaatdoelen.

 

Anderen inspireren om de lat hoger te leggen

Met de selectie van de leidersgroep wil PRI andere aangesloten organisaties inspireren om het goede voorbeeld van de koplopers te volgen. "Ik feliciteer APG Asset Management met de kwalificatie voor de 2020 Leaders' Group, en vooral met jullie uitstekende informatievoorziening en vooruitstrevende inspanningen op het gebied van klimaatrapportage", zegt Fiona Reynolds, CEO van PRI. "Ik hoop dat deze erkenning APG Asset Management en alle ondertekenaars van PRI kan helpen om de lat steeds hoger te leggen in verantwoord beleggen."

 

Lees meer in het rapport van de PRI 2020 Leaders' Group.

Meer informatie over het klimaatwerk van APG is te vinden in ons Verslag Verantwoord Beleggen.

Volgende publicatie:
APG legt met WELL lat hoog voor welzijn en gezondheid in kantoren

APG legt met WELL lat hoog voor welzijn en gezondheid in kantoren

Gepubliceerd op: 29 juni 2020

Niet alleen met duurzaamheid, maar ook op het gebied van gezonde kantoorgebouwen voor APG-medewerkers gaat APG zijn ambitie flink verhogen: in het nieuwe pand in Amsterdam én in Heerlen.

 

Wie volgend jaar het nieuwe pand van APG ‘Edge West’ aan de Basisweg 10 betreedt, ziet ze meteen: trappen. Niet weggestopt in een tochtig trappenhuis, zoals in veel kantoren, maar vol in het zicht en daarmee impliciet zeggend: “Die lift laten we vandaag maar even staan”. Het daglicht dat door het glazen dak schijnt, kleurt de grote bomen en living walls felgroen. Op de APG kantoorvloer vind je binnen een straal van dertig meter watertappunten. Statafels staan her en der verspreid: zij verleiden je om nu en dan uit je bureaustoel te komen.

 

Gezondheid en welbevinden op kantoor blijven voor APG belangrijke thema’s. Oók nu door corona de thuiswerkplek zich als alternatief heeft bewezen. Marga Petridean, Facility Service contractmanager huisvesting bij APG: “De coronacrisis heeft ons geleerd dat thuiswerken goed kan werken, maar ook dat kantoor een belangrijke plek blijft om samen te komen en geïnspireerd te raken. Een ding weten we zeker bij APG: als medewerkers straks weer naar kantoor gaan, staan gezondheid en welbevinden voorop. Een gezonde en prettige werkomgeving draagt bij aan het welbevinden van onze collega’s en zorgt ervoor dat mensen graag bij APG werken.”

 

Na het publiceren van dit artikel is APG tot het inzicht gekomen dat, voor een gezonde werkomgeving die past bij de visie van APG, het voldoende is om de interieur WELL-richtlijnen toe te passen voor onze kantoorpanden in Amsterdam en Heerlen zonder deze hierop te certificeren. APG ziet nog steeds de waarde van de Well standaard en zal die nastreven, maar niet meer met als einddoel het certificaat te behalen. Het WELL platinum certificaat voor het cascogebouw wordt nog wel nagestreefd.

 

Het zijn thema’s die APG zeer serieus neemt, aldus Marga. Sinds enkele jaren bestaat er een certificaat voor welzijn en gezondheid: de WELL Building Standard. Marga: “Met de inrichting van ons vernieuwde kantoor in Amsterdam gaan we voor de zogeheten WELL Gold certificering voor het interieur, in aanvulling op het WELL platinum certificaat voor het cascogebouw, die krijgt Edge West als een van de weinige kantoren in Nederland.”

 

Certificaat


APG heeft CBRE Development Services gevraagd om het nieuwe kantoor Edge Amsterdam West te laten voldoen aan de eisen van het certificaat. Het pand heeft al een hoge ambitie met duurzaamheidscertificering BREEAM Outstanding. Waarom dan nu weer een nieuw certificaat? Zaida Thepass, Sustainability Consultant bij CBRE: “Bij WELL wordt er daadwerkelijk in het gebouw gemeten of je aan de eisen voldoet die bijvoorbeeld worden gesteld aan de luchtkwaliteit, akoestiek en verlichting. Het is de eerste certificering die specifiek gericht is op de gezondheid en het welzijn van gebruikers van een gebouw. Daarmee onderscheidt dit certificaat zich van veel andere keurmerken. Deze standaard is na zeven jaar onderzoek tot stand gekomen en samen met artsen, wetenschappers en vastgoedprofessionals ontwikkeld.”

 

Het is veel meer dan een papiertje, benadrukt Marga. “Door aan de criteria van WELL te voldoen dragen we bij aan een beter welbevinden, betere prestaties en een lager ziekteverzuim. Door de coronacrisis is er nóg meer focus komen te liggen op luchtkwaliteit. Heel prettig dus dat dit ook al wordt meegenomen in de Well-certificering.”

 

We gaan WELL ook toepassen op het pand in Heerlen, benadrukt Marga. “Omdat het daar om bestaande bouw gaat, moeten we nog nader onderzoeken in hoeverre we de APG-ambitie rond WELL inhoud kunnen geven. Dat hoeft niet altijd ingewikkeld te zijn. Zo hebben we in Heerlen al wat welzijnsmaatregelen genomen door bijvoorbeeld de koffiemachines van de werkvloer te halen. Zo stimuleer je op een simpele manier medewerkers om meer te lopen en ongemerkt heel wat stappen te maken op een dag”.

Volgende publicatie:
“Verduurzaming kans om versneld uit crisis te komen”

“Verduurzaming kans om versneld uit crisis te komen”

Gepubliceerd op: 19 juni 2020

De huidige coronacrisis mag geen reden zijn voor bedrijven en overheden om hun ambities op het gebied van duurzaamheid af te zwakken of te laten varen. Sterker nog, verduurzaming is een krachtig middel om uit die crisis te komen.

 

Dat staat in het zogeheten Green Recovery Statement dat koepelorganisatie MVO Nederland vandaag naar buiten heeft gebracht. Meerdere grote bedrijven, waaronder APG, ondersteunen het statement.

 

Zowel op nationaal als op Europees niveau liggen er grote, groene en sociale investeringsplannen die ook kansen bieden voor economisch herstel. De vorig jaar gepresenteerde Green Deal is een voorbeeld daarvan. Door op grootschalig niveau te investeren in duurzaamheid kunnen miljoenen groene banen worden gecreeerd. Zowel publieke als private investeringen zijn nodig om die banenmoter aan de gang te krijgen, zo staat in het statement.

De Covid-19 periode heeft ook het besef gebracht dat keuzes gemaakt moeten worden die goed zijn voor de economie, en verstandig voor klimaat en de mensheid.”

Ambities


Ook voor de Nederlandse economie mag de crisis niet aangegrepen worden om bijvoorbeeld de ambities van het klimaatakkoord af te zwakken, stelt het collectief in het statement. Door nu te investeren in duurzame innovaties kunnen we in Nederland een concurrentievoordeel opbouwen en daarmee ook een stevig verdienmodel voor onze economie.

 

De geformuleerde doelstellingen in de verklaring vertonen veel raakvlakken met het in mei gepresenteerde duurzaamheidsbeleid van APG. Pensioen gaat over samen, leven, en samenleven, vindt APG Het verzorgen van pensioenen voor 5 miljoen huishoudens is op zichzelf al zeer duurzaam als kernactiviteit. Samen leven doen we in een wereld waar we verantwoord mee omgaan. Een van de vier pijlers van die ambitie is om een bijdrage te leveren aan de duurzame ontwikkeling van de BV Nederland. Een andere ambitie is om internationaal koploper te zijn op het gebied van duurzaam beleggen. Met die koppositie kan APG ook een belangrijke bijdrage leveren in de bestrijding van de huidige crisis. Zo investeert APG namens pensioenfondsklanten fors in Covid-19-obligaties. De opbrengst van zulke obligaties wordt onder meer gebruikt voor de financiering van noodmaatregelen in de gezondheidszorg en financiële ondersteuning van het midden- en kleinbedrijf in getroffen landen.

 

Kritisch


Ook het kritisch naar je zelf kijken maakt deel uit van dat nieuwe duurzaamheidsbeleid. ‘Practice what you Preach’. APG trekt dus een been bij in de eigen bedrijfsvoering. Eerder dit jaar sloot APG zich aan bij de coalitie Anders Reizen, een coalitie van ruim vijftig grote organisaties in Nederland die de CO2-uitstoot van zakelijk reizen gehalveerd wil hebben in 2030. APG heeft daarin de belofte uitgesproken kritisch naar zijn eigen reisbeleid te kijken.

Het collectief zegt daarnaast in de verklaring het EU-emissiehandelssysteem (ETS) als een belangrijk middel te zien om de klimaatambities te realiseren. Ook dat standpunt ligt volledig in lijn met dat van APG. De pensioenuitvoerder hield recent nog, samen pensioenfonds ABP een pleidooi voor de beprijzing van CO2.  

 

Duurzaamheid zit, kortom, verweven in wie we als APG zijn en wat we doen, benadrukt bestuursvoorzitter Gerard van Olphen. “Het steunen van dit initiatief onderstreept de visie van APG. De Covid-19 periode heeft donkere tijden gebracht, maar ook het besef dat keuzes gemaakt moeten worden, die nieuwe kansen creëren. Keuzes die goed zijn voor de economie, en verstandig voor klimaat en de mensheid.”

Volgende publicatie:
APG roept regering op: laat grote vervuilers niet buiten schot

APG roept regering op: laat grote vervuilers niet buiten schot

Gepubliceerd op: 8 juni 2020

Economie stimuleren tijdens corona mét oog voor Klimaatakkoord

Samen met pensioensfonds en klant ABP roept APG de regering op zo snel mogelijk over te gaan op het beprijzen van CO2. Dit versnelt de benodigde groene investeringen en stimuleert de economie. Geraldine Leegwater, bestuurslid ABP, en Ronald Wuijster, lid raad van bestuur APG motiveren vandaag op de opiniepagina van het FD waarom ze aan de bel trekken.

 

In het klimaatakkoord is afgesproken dat Nederland desnoods eenzijdig een bredere en stijgende CO2-heffing zal invoeren. Maar uit de toelichting op het conceptwetsvoorstel bleek vorige week dat het kabinet vanwege de coronacrisis toch iets minder snel wil gaan voor grote bedrijven die veel buitenlandse concurrentie ondervinden.

 

ABP en APG onderschrijven en ondersteunen de klimaatambities van Parijs. De onverwachte crisis maakt volgens hen stevig ingrijpen in Nederland én in Europa nodig om de economie opnieuw op gang te brengen. Dit moet wel op een manier gebeuren die bijdraagt aan de klimaat- en energietransitie. Grote vervuilers buiten schot laten past daar niet bij.

 

Om het artikel Institutionele beleggers dringen aan op snelle invoering CO2-beprijzing online te kunnen lezen is een login vereist. 

Volgende publicatie:
APG neemt deel aan campagne Anders Reizen

APG neemt deel aan campagne Anders Reizen

Gepubliceerd op: 2 juni 2020

Eerder dit jaar sloot APG zich aan bij de coalitie Anders Reizen, een coalitie van ruim vijftig grote organisaties in Nederland die de CO2-uitstoot van zakelijk reizen gehalveerd wil hebben in 2030. Deze ambitie en de aanscherping van onze eigen ambitie op gebied van duurzaamheid leidden ertoe dat we in 2020 kritisch naar ons huidige mobiliteitsbeleid kijken. Daar was APG druk mee bezig toen de coronacrisis uitbrak en het overgrote deel van de APG-medewerkers vanuit thuis aan het werk ging en helemaal niet meer reisde.

 

Dit remt de ontwikkeling van het nieuwe mobiliteitsplan echter niet af, maar zorgt juist voor nieuwe inzichten die zullen worden meegenomen in het plan. Niet alleen op de korte, maar zeker ook op de lange termijn.

 

Op dit moment wordt bij APG nog intensief thuisgewerkt. Daar komt tot september geen verandering in, de RIVM richtlijnen zijn daarbij leidend. Op een bepaald moment volgt waarschijnlijk een periode  waarin steeds meer medewerkers naar kantoor reizen. Als deelnemer van Anders Reizen voelt APG de verantwoordelijkheid om het goede voorbeeld te geven. En dat houdt in dat APG zijn medewerkers gezond, veilig en duurzaam naar het werk laat verplaatsen als dat weer mag. Het beperken en spreiden van mobiliteit staan daarbij bovenaan.

 

Dit is ook precies wat de leden van de coalitie hebben afgesproken. Deze aanpak voorkomt drukte op de weg, in het openbaar vervoer en op kantoor. De deelnemende werkgevers zetten extra in op het gebruik van de fiets als gezond en duurzaam alternatief. Daarnaast is afgesproken om het vliegverkeer tot een minimum te beperken. Naar verwachting gebeurt dit minimaal tot het einde van het jaar.

 

Het merendeel van de aangesloten werkgevers past naar aanleiding van de coronamaatregelen zijn mobiliteitsbeleid aan, en zoekt daarbij naar een gezond evenwicht tussen werken op afstand en ontmoeten op kantoor. Vragen als ‘Hoe willen we dat onze nieuwe manier van werken en reizen er straks uitziet?’, ‘Hoe voorkomen we een terugval naar oude patronen?’ en ‘Is deel van de oplossing dat medewerkers geheel of gedeeltelijk thuis blijven werken?’ worden onderling uitgewisseld. Op die manier helpen bedrijven elkaar om nieuwe ervaringen met flexibel werken en reizen te evalueren en te verankeren in het nieuwe, duurzame normaal.

 

Vandaag lanceert Anders Reizen een mediacampagne om het zakelijke reisgedrag ook na het intensieve thuiswerken zo laag mogelijk te houden. In dat kader verschijnt vandaag in het Financieel Dagblad een artikel waarin de Coalitie Anders Reizen een statement afgeeft over het reizen tijdens de coronamaatregelen.

Volgende publicatie:
APG wil CO2-opname natuurlijke ecosystemen verbeteren

APG wil CO2-opname natuurlijke ecosystemen verbeteren

Gepubliceerd op: 30 maart 2020

Steeds meer luchtvaartmaatschappijen, energieleveranciers en andere CO2-intensieve bedrijven kondigen aan uiterlijk in 2050 CO2-neutraal te willen zijn. Maar hoe werkt dat? Naast het terugbrengen van de CO2-uitstoot investeren bedrijven steeds meer in het verbeteren van de CO2-opname door natuurlijke ecosystemen. Dat idee is niet nieuw, maar door hun toenemende schaalgrootte en professionaliteit worden zulke op de natuur gebaseerde oplossingen (Nature-based solutions of NbS) ook interessanter voor institutionele beleggers als APG, zegt Jos Lemmens.

 

Nestlé, ThyssenKrupp, Volkswagen, Repsol en BP: het zijn slechts een paar voorbeelden van de vele bedrijven die recent de ambitie hebben uitgesproken om uiterlijk in 2050 hun netto CO2-uitstoot terug te brengen tot nul. Hoewel er op details verschillen zijn, komt de aanpak van deze bedrijven op één punt overeen; ze zetten deels in op het vergroten van ‘negatieve uitstoot’ door ervoor te zorgen dat natuurlijke ecosystemen meer broeikasgassen kunnen vasthouden.  

Dit soort natuur-gebaseerde oplossingen zijn er al een tijdje, zegt Jos Lemmens, Senior Portfolio Manager van het Natural Resources Fund bij APG Asset Management, en een van de managers van een portefeuille met land- en bosbouwgronden. “Vaak wordt hierbij gedacht aan de markt voor CO2-credits, maar er zijn andere manieren waarop kan worden bijgedragen aan het vasthouden van broeikasgassen. Bijvoorbeeld door NbS te integreren in de aankoop en het onderhoud van land- en bosbouwgronden. We weten dat natuurlijke ecosystemen heel goed CO2 opnemen. In potentie kunnen zij 30 procent van de wereldwijde uitstoot vasthouden. Om dat potentieel volledig te benutten, moeten natuurlijke ecosystemen worden behouden, verbeterd en uitgebreid.

 

APG investeert namens zijn pensioenfondsklanten in productiebossen en landbouwgronden. Wanneer deze goed worden beheerd, kunnen ze meer COvasthouden in de bomen en de bodem, wat hun waarde vergroot. Dit biedt voordelen voor alle betrokkenen – beleggers, ontwikkelaars en lokale gemeenschappen.

 

Omslagpunt

Vóór de uitbraak van de corona-crisis sprak Jos op een conferentie, mede georganiseerd door APG, waar onderzoekers, beleggers, bedrijven en beleidsmakers bespraken hoe ze NbS schaalbaar kunnen maken en dus aantrekkelijker om in te investeren. “De markt lijkt op een omslagpunt te zijn aanbeland,” zegt Jos. “Initiatieven zijn vaak nog kleinschalig.. Maar nu grote bedrijven deze markt betreden, kunnen ontwikkelaars profiteren van de mogelijkheden op het gebied van financiering, marketing en risicomanagement die deze nieuwe partijen meebrengen.”

Eén van de belangrijkste uitkomsten van de conferentie was dat we ‘op vele paarden’ moeten wedden om klimaatverandering aan te kunnen pakken. Duncan van Bergen, VP Nature-based Solutions bij Shell, legde uit dat Shell niet alleen stappen neemt om de CO2-intensiteit van zijn producten terug te brengen, maar dat het bedrijf nu ook USD 300 miljoen per jaar investeert in NbS. Veel bedrijven hebben plannen aangekondigd om bomen te planten of moerasgebieden te (her)ontwikkelen, naast het terugbrengen van de CO2-uitstoot. Dat een grote hoeveelheid ‘negatieve uitstoot’ nodig is om de stijging van de gemiddelde temperatuur op aarde ruim onder de 2 graden te houden, is nu algemeen geaccepteerd.

 

De beleggingscase

Het opschalen van NbS-projecten kan ze aantrekkelijk maken voor grote beleggers als APG, zegt Jos. “Het is geen kwestie van eenvoudigweg een paar bomen planten. We bepalen hoe we NbS kunnen inzetten om een solide beleggingscase te bouwen. Op de lange termijn kan een belegging  alleen maar winstgevend zijn als het land – ons kapitaal – goed beheerd en beschermd wordt tegen degeneratie. Investeringen in natuurlijke hulpbronnen moeten duurzaam zijn om commercieel interessant te zijn op de lange termijn, en vice versa.”

De conferentie maakte duidelijk dat alle betrokkenen – inclusief bedrijven, aanbieders van NbS en beleggers – hun krachten willen bundelen om deze markt verder te ontwikkelen. “Wanneer het gaat om het investeren in natuurlijke hulpbronnen is duurzaamheid geen bijkomstigheid maar de kern van wat we doen. Als grote belegger hebben we de kans om echt verschil te maken, al is het maar een klein beetje, met elke van de vele euro’s die we investeren.”

Volgende publicatie:
APG wil CO₂-voetafdruk eigen mobiliteit halveren

APG wil CO₂-voetafdruk eigen mobiliteit halveren

Gepubliceerd op: 21 februari 2020

Onlangs heeft APG zich aangesloten bij Anders Reizen. Dit is een coalitie van zo’n 50 organisaties met als gezamenlijke ambitie de halvering van de CO₂-uitstoot van zakelijk reizen in 2030 (t.o.v. 2016). Door toe te treden tot deze coalitie wil APG gebruikmaken van de ervaring van andere bedrijven, en die inzetten om de uitstoot van het eigen zakelijk reisverkeer per medewerker in 2030 met de helft teruggebracht te hebben.

Met zakelijk reizen wordt bedoeld het woon-werk verkeer en de andere reizen voor de werkgever, inclusief vliegreizen.


Duurzamer reizen


Gerard van Olphen, bestuursvoorzitter van APG, laat geen twijfel bestaan over het potentieel voor mobiliteitsverduurzaming binnen de organisatie: “Wat wij van andere ondernemingen verwachten als grote, duurzame en verantwoorde belegger, willen en moeten we zelf natuurlijk ook doen. We zijn simpelweg nog niet duurzaam genoeg. Daarom gaan we ons mobiliteitsbeleid dit jaar aanpassen. Concreet kun je daarbij denken aan het terugdringen van het autogebruik, onder andere door het gebruik van het openbaar vervoer te stimuleren en kritisch naar het parkeerbeleid te kijken. We gaan het leasewagenpark verduurzamen, en we willen het aantal vliegreizen verminderen. Voor sommige medewerkers kan dit een aanpassing betekenen van hun woon-werkverkeer.”

 

Bij APG zijn in totaal zo’n 3000 mensen werkzaam, waarvan een groot deel in Heerlen en Amsterdam en een aantal in New York en Hongkong. Ook daar is ruimte voor mobiliteitsverduurzaming. Van Olphen: “Zowel in Nederland als in het buitenland willen we onnodig reizen zo veel mogelijk gaan voorkomen. De samenvoeging van onze Amsterdamse locaties in één modern, energieneutraal pand bij station Sloterdijk is in ieder geval al een stap in de goede richting – voor het milieu, maar het scheelt ook aanzienlijk in huisvestingskosten.”

 

Leefbare wereld

 

De ondertekening van de ‘Dutch Business Sustainable Mobility Pledge’ vormt het startpunt voor APG om ook via het eigen mobiliteitsbeleid invulling te geven aan zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid. Van Olphen: “Voor APG is pensioen meer dan geld alleen. We voelen ons verantwoordelijk voor het zekerstellen van een goed inkomen voor onze ouders en onze kinderen. Nu, straks en later. En we willen dat ze dat inkomen krijgen in een prettig leefbare wereld.”

Volgende publicatie:
Database belangrijke stap richting veilige mijndammen

Database belangrijke stap richting veilige mijndammen

Gepubliceerd op: 29 januari 2020

APG deelnemer in ‘Global Mining and Tailings Safety Initiative’

 

Hoe zorgen beleggers en mijnbouwbedrijven ervoor dat afvaldammen veiliger worden? Afgelopen weekend – een jaar na de ramp bij Brumadinho – lanceerde een samenwerkingsverband van beleggers een database voor afvaldammen. De database maakt deel uit van een ambitieus initiatief om tragedies zoals in Brumadinho in de toekomst te voorkomen.

De database bevat vooralsnog informatie over 1.939 dammen. Het totale volume aan afval in deze dammen is 45.7 miljard kubieke meter, vergelijkbaar met de inhoud van 11.400 keer het Wembley Stadion. Het is niet bekend hoeveel afvaldammen er wereldwijd zijn: schattingen lopen uiteen van 4.000 tot 18.000. Slechts een klein deel hiervan is momenteel in gebruik.

 

Beleggerscoalitie

In de afgelopen jaren is er een aantal tragische incidenten geweest met opslagfaciliteiten voor mijnafval - ook wel ‘tailings dams’ genoemd. In januari 2019 bezweek een afvaldam nabij het  Braziliaanse stadje Brumadinho: 270 mensen kwamen om het leven. Na ‘Brumadinho’ nam de Church of England het initiatief voor de vorming van een samenwerkingsverband van beleggers. APG neemt – namens zijn pensioenfondsklanten ABP, bpfBOUW, SPW en APG PPF – deel aan dit Global Mining and Tailings Safety Initiative.

 

Goed begin

"Toegegeven, het aantal afvaldammen dat in de database is opgenomen, is nog relatief klein”, zegt Ileana van Hagen, Senior Portfolio Manager Credits bij APG Asset Management. Zij vertegenwoordigt APG en haar pensioenfondsklanten bij het Initiatief. “Maar het is een goed begin en laat zien wat wij als belegger van mijnbouwbedrijven verwachten. Bemoedigend is dat 40 van de 50 grootste mijnbouwbedrijven al informatie voor de database hebben verstrekt. Ileana: "De uitdaging is nu om ook de kleinere mijnbedrijven aan boord te krijgen."

 

Inspecties door satellieten

Via de database krijgen gebruikers informatie over de welke afvaldammen eigendom zijn van welke bedrijven. Ook staan er gegevens over al bekende stabiliteitsproblemen en welke impact een breuk of verschuiving van een dam kan hebben. In toekomstige updates van de database zal ook gebruik worden gemaakt van satellietbeelden en kunstmatige intelligentie om dammen te lokaliseren en het ‘weglekken’ van afval op te sporen. Dat laatste kan erop duiden dat de dam instabiel is.

 

Waarschuwingssysteem

Naast de database kondigde het samenwerkingsverband ook de ambitie aan om te komen tot een 24/7 waarschuwingssysteem voor afvaldammen. Dergelijke systemen – waarbij lokale autoriteiten en betrokken bedrijven automatisch worden gewaarschuwd als er een veiligheidsissue is – bestaan al in de scheep- en luchtvaart. Ook deden de beleggers een dringende oproep aan bedrijven om de gevaarlijkste dammen zo snel mogelijk te ontmantelen.

 

Wereldwijde standaard

Het initiatief heeft mijnbouwbedrijven, experts en beleggers samengebracht. Ileana: “Het is bemoedigend dat het initiatief in tien maanden tijd al tastbare resultaten heeft opgeleverd. Een daarvan is de ontwikkeling van een wereldwijde standaard voor veilig beheer van afvaldammen, die in april wordt gepubliceerd. Ons doel is ervoor te zorgen dat dammen veilig zijn, zodat tragische gebeurtenissen zoals ‘Brumadinho’ zich niet herhalen."

Volgende publicatie:
APG en ABP investeren in nieuw windmolenpark in Oostflakkee

APG en ABP investeren in nieuw windmolenpark in Oostflakkee

Gepubliceerd op: 20 december 2019

APG en ABP kondigen vandaag de ontwikkeling van een nieuw, 32MW windenergieproject op land aan in Oostflakkee, 30 km ten zuidwesten van Rotterdam. De ontwikkeling wordt uitgevoerd door Kallista Energy. Een onafhankelijke en gespecialiseerde uitvoerder van duurzame energieprojecten.

We spraken met verantwoordelijk beleggers Jan-Willem Ruisbroek, Head of Global Infrastructure Investment Strategy en voorzitter van Kallista Energy - en Lee Crossingham, Portfolio Manager Infrastructure en bestuurslid van Kallista Energy.

 

Wat is de reden om in dit windmolenparkproject te investeren?

Jan-Willem: “APG doet graag investeringen die niet alleen sterke, lange termijn beleggingsrendementen opleveren voor onze pensioenfondsklanten en hun deelnemers maar ook bijdragen aan het welzijn van de samenleving waarvoor we werken. Deze belegging is een goed voorbeeld van dit dubbele doel: solide lange termijn rendementen en schone, groene energie voor meer dan 35.000 Nederlandse huishoudens.”

Lee: “Dit is de eerste directe investering voor APG en ABP in de duurzame energie in Nederland. We zijn al langer actief in hernieuwbare energie in verschillende regio's in Europa, Noord- en Zuid-Amerika en Azië, maar het betreden van Nederland, onze thuismarkt, vormt een nieuw en belangrijk hoofdstuk in de reis naar duurzame energie. ”

 

Wat is de rol van Kallista Energy?

Lee: “Kallista Energy is een onafhankelijke ontwikkelaar van hernieuwbare energie in Frankrijk, die grotendeels in handen is van APG. Kallista heeft al een uitstekende staat van dienst in Frankrijk, waar het platform een ​​windmolenparkportfolio van meer dan 200 MW exploiteert en de komende jaren nog eens 500 MW ontwikkelt. Dit project is de eerste stap in de uitbreiding van het Kallista-platform naar Nederland. ”

 

Dit project is een windpark op land, wat soms controversieel kan zijn. Hoe gaan jullie om met dergelijke zorgen?

Lee: “We gaan zeer zorgvuldig en proactief te werk wanneer we een nieuw, duurzaam energieproject opzetten. Daarbij betrekken we alle relevante belanghebbenden. In dit geval werd het project geïnitieerd door een groep lokale agrariërs en is het in lijn met de duurzaamheidsambities van Goeree-Overflakkee Meer in het algemeen komt het project ten goede aan alle Nederlandse burgers door een besparing van meer 1,2 miljoen ton CO2-equivalent gedurende de levensduur van het project. Hiermee leveren we ook een bijdrage aan het realiseren van de klimaatdoelen van Parijs.”

 

Kunnen we de komende jaren meer van dit soort investeringen in infrastructuur verwachten?

Jan-Willem: “We hebben veel vertrouwen in het Kallista Energy-platform en zien deze belegging als de eerste stap in een groter groeiplan voor Nederland, Frankrijk en Duitsland. Meer in het algemeen willen onze pensioenfondsklanten dat we meer in infrastructuur beleggen. Daarom zijn we constant op zoek naar andere aantrekkelijke mogelijkheden. We verwachten in de komende jaren zeker meer investeringen in duurzame energie-infrastructuur te doen.”

 

persbericht APG

 

persbericht ABP

Volgende publicatie:
APG draagt bij aan lagere CO2-uitstoot Europees treintransport

APG draagt bij aan lagere CO2-uitstoot Europees treintransport

Gepubliceerd op: 20 december 2019

APG heeft namens haar pensioenfondsklanten een belang genomen van 41,1% in Alpha Trains, een leasemaatschappij voor passagierstreinen en locomotieven in Europa. Het grootste deel van de vloot is elektrisch en draagt daardoor bij aan een lagere CO2-uitstoot van de Europese transportsector. De investering sluit aan bij de duurzame beleggingsstrategie.

‘Als verantwoordelijke pensioenbelegger op de lange termijn zoeken we continu naar aantrekkelijke beleggingen waarmee we stabiele opbrengsten kunnen realiseren voor onze pensioenfondsklanten’, zegt Peter Branner, CIO van APG.


‘Tegelijkertijd dragen we bij aan een duurzame wereld. De investering in Alpha Trains Group past perfect in onze investeringsstrategie: de vloot van voornamelijk elektrische treinen en locomotieven van Alpha Trains bevordert duurzaam, koolstofarm massatransport binnen Europa en biedt tegelijkertijd toegang tot een bedrijfsmodel op lange termijn met sterke groei en goede kasstromen.’

 

Marktleider

Alpha Trains verhuurt rollend materieel aan trein- en locomotiefoperators. Zij krijgen zo de flexibiliteit om dynamisch en commercieel te reageren op kansen die zich voordoen op de markt voor railvervoer. Onafhankelijk van investeringsoverwegingen op de lange termijn.
De Alpha Trains-portefeuille bestaat uit meer dan 800 passagierstreinen en locomotieven die worden gehuurd in Europa (onder andere Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje en de Benelux). Daar is Alpha Trains marktleider onder de particuliere verhuurders van rollend materieel.

 

Zie persbericht

Volgende publicatie:
‘Dit mag geen papieren tijger worden’

‘Dit mag geen papieren tijger worden’

Gepubliceerd op: 10 juli 2019

Vandaag zette APG-bestuursvoorzitter Gerard van Olphen in Den Haag zijn handtekening onder het document waarmee de Nederlandse financiële sector zich verbindt aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord en het Akkoord van Parijs.

 

Hij zal het tijdens het gesprek een paar keer zeggen: dit commitment is uniek. Enig in zijn soort. ‘Pensioenfondsen, verzekeraars, banken en vermogensbeheerders gaan dit geheel vrijwillig aan en zullen hier transparant verantwoording over afleggen aan de maatschappij. Het feit dat de financiële sector zich aan deze afspraken verbindt, heeft echt een enorme impact. Want vergis je niet: het gaat om 80-90 procent van het geld in Nederland. De partijen die vandaag tekenen vertegenwoordigen zo’n 3.000 miljard euro. Daarmee is de Nederlandse financiële sector een aanjager en een facilitator van de transitie die Nederland te gaan heeft. We geven het vorm. Dragen bij aan de totstandkoming. En ja, daar ben ik heel trots op.’

Vanzelfsprekend, weet ook Van Olphen, is het de industrie zelf die zijn fabrieken schoner moet maken,. ‘Dat kunnen wij niet voor ze doen. Ze zullen zelf de CO2-uitstoot moeten reduceren. Maar het feit dat wij als sector business cases niet alleen op financiële haalbaarheid beoordelen maar ook volgens de richtlijnen van Parijs, betekent dat vervuilende of minder ambitieuze initiatieven op het gebied van CO2-reductie moeizamer geld gaan krijgen dan plannen die echt bijdragen aan een duurzamer samenleving.’

 

Het bijzondere van de gezamenlijke verklaring is ook de ons omringende landen niet ontgaan. In Brussel, Londen, op de G20:  dit commitment zal op diverse buitenlandse podia door de minister van Financiën, door de sector of door Gerard van Olphen zelf de komende tijd worden besproken. De internationale financiële wereld kijkt met bewondering naar dit typisch Nederlandse poldermanifest. Van Olphen: ‘In heel veel landen hobbelt de financiële sector er eerder achteraan, dan dat ze meehelpen de klimaatafspraken vorm te geven.’

 

Wat maakt het nu precies tot zo’n bijzonder document?
‘Als financiële sector ben je vooral verantwoordelijk voor het geld van anderen en dus ben je gehouden om een goed risicorendementsprofiel te hebben. Je kunt niet zeggen: u krijgt minder pensioen want wij financieren de energietransitie. Maar dit is wel een hele harde inspanningsverplichting om daar een - ik zou bijna zeggen-  katalyserende rol in te spelen. Want we gaan van alle relevante investeringen die we doen de CO2-impact vaststellen en daarover rapporteren. We gaan daarop een reductiedoelstelling afspreken die in overeenstemming is met Parijs. Dus 49% minder C02 uitstoot in 2030. En we gaan daarover publiekelijk verantwoording afleggen. En dat gaan we doen als onderdeel van een nationale verantwoording. Een keer per jaar gaat de minister als uitvloeisel van het klimaatakkoord naar de Kamer om uit te leggen: doen we genoeg op het terrein van het klimaat. Halen we onze doelstellingen? Dit commitment is daar een integraal onderdeel van.’

 

Je bent trots op het commitment dat er ligt, maar toch niet helemaal tevreden. Hoe komt dat?
‘Toen ik werd gevraagd om voorzitter van de taakgroep financiering te worden was het beeld: voor het Kamerreces van 2018 willen we al met een Klimaatakkoord naar de Tweede Kamer toe. Nederland gaat snel aan de slag met die energietransitie. Dat bleek uiteindelijk een taaier en moeizamer proces dan we dachten.  Er waren eerst  vijf primaire tafels actief. Financiering was aanvankelijk een ondersteunende rol toebedacht, net als arbeidsmarkt. Ons beeld was: aan die primaire tafels  - transport, landbouw, gebouwde omgeving, elektriciteit, industrie -  is inmiddels al heel veel gebeurd en die komen nu met hele concrete investeringsvragen naar de financieringstafel. Op het niveau van: we gaan een lightrail bouwen van de Randstad naar Schiphol, we hebben waterstofcentrales nodig of er moet massale elektrificatie plaatsvinden.’

Maar de praktijk bleek weerbarstig. ‘Er kwam namelijk niets.’ Soms als gevolg van tegenstrijdige belangen. Maar ook omdat er nog geen duidelijke richting zat in de klimaatplannen. ‘Er moesten nog heel veel keuzes gemaakt worden. Gaat Nederland inzetten op elektrificatie of op waterstof. Komt er wel of geen wetgeving over CO2-beprijzing? Dus heel veel voorwaarden voor een goeie businesscase waren nog niet ingevuld.’ Achteraf bezien ook heel logisch. De materie is veelomvattend en complex en vraagt ook om een breed maatschappelijk draagvlak. Misschien was ik ook wel wat naïef aan het begin.’

 

Geen regie, heel veel verschillende belangen.
‘Iemand zei me: toen ik begon dacht ik dat het een voetbalwedstrijd was. Maar halverwege denk ik: ik sta nu voor de goal er komst iets op me afvliegen. Dat was eerst  een voetbal, ergens is het een honkbal geworden, en ik nu ik verwacht word het in te koppen weet ik niet of het geen bowlingbal is. En voordat ik kop, wil ik dat wel even weten.’

 

Zo ervoer jij het ook?
‘Diplomatiek: ‘Het was in de eerste fase een zoekproces. Wat ons ook helder werd, naast het feit dat het aan richting ontbrak: aan die tafels was de structuur van de financiële sector niet bekend. Als er aan een van de tafels de vraag kwam: wij hebben geld nodig, was onze tegenvraag: wat voor geld? Nou ja, geld. Maar, wat voor geld. Nou, euro’s  De vraag vanuit de financiële sector is dan:  Risicodragend, niet risicodragend, kort, lang, hybride?  Daarom hebben we een financieringswijzer ontwikkeld. Zodat vraag en aanbod op het gebied van financiering beter bekend is.  Daarnaast werkten we nauw samen met de meeste primaire tafels, soms in gezamenlijke workshops, soms door participatie in de desbetreffende tafel of op een andere manier.’

 

In februari van dit jaar,  kwam er – na veel commotie in de media over de betaalbaarheid van de transitie – de ‘kabinetsappreciatie’ voor het akkoord op hoofdlijnen. Voor de taakgroep aanleiding zich te buigen over haar rol bij het vervolg. Hoe nu verder?  ‘We hebben toen afgesproken om ons op twee zaken te concentreren. De eerste was het commitment, dat we vandaag tekenen. Het tweede was het mede ondersteunen van Invest NL. Er was inmiddels besloten tot het oprichten van Invest NL, een investeringsmaatschappij van de Nederlandse Staat waar Wouter Bos leiding aan is gaan geven.  Invest NL als loket en facilitator voor partijen die op zoek zijn naar financiering in het kader van de energietransitie.  Het is de investeringsmaatschappij die 2,5 miljard van de staat heeft gekregen om de transitie verder te helpen. Het idee: met die 2,5 miljard gaan we niet de energietransitie financieren, maar als we dat op de goeie plek investeren, kan de private markt misschien wel een veelvoud tegen marktconforme voorwaarden investeren en komt er investeringscapaciteit ter beschikking.’

 

En nu ligt het commitment er. Ben je niet bang dat dit een papieren tijger wordt? Vooral het uniformeren van metingen lijkt me een hels karwei.
‘Het hoofdstuk dat er nu aankomt is: hoe borgen we dit. Dit mag geen papieren tijger worden. Dit moet echt iets zijn waarbij de financiële sector oprecht verantwoording aflegt aan politiek en samenleving over de inspanning die ze doen. Er moet dus ook een onafhankelijke borging komen, en die zal het in het begin wel eens lastig hebben om te zeggen: partij A rapporteert op die standaard, partij B op die standaard, maar waar het om gaat: klopt de onderliggende beweging? En als het niet klopt, moet die partij kunnen zeggen: beste financiële sector, u moet uw inspanningen verhogen.’

 

En die onafhankelijke partij komt er ook?
‘Ja. Die gaat er komen.’

 

Probleem is: je kunt niet sanctioneren. Hooguit doordat partijen die achterblijven publieke verantwoording af moeten leggen. Of doordat de sector druk uitoefent
‘Ik denk niet meteen aan naming and shaming. Maar in het hypothetische geval dat een partij een notoire dwarsligger is, zullen er uiteindelijk vanuit de sector zelf correcties komen. De sector heeft inmiddels voldoende ervaring opgebouwd met pijnlijke dossiers waar ze maatschappelijk ter verantwoording zijn geroepen en zelf te laat actie hebben ondernomen. Of je nu naar de  woekerpolissen kijkt bij de verzekeraars, de rentederivaten bij de banken of de communicatie over kortingen bij pensioenfondsen: van die maatschappelijke discussies hebben we inmiddels geleerd dat dat niet zo werkt.’

 

Wat is nu de impact hiervan op APG zelf?
‘Dit betekent dat APG ook als bedrijf zich verplicht om de CO2-uitstoot terug te brengen in lijn met Parijs. Dat houdt in: minder mobiliteit, minder gasverbruik. Alles wat in de samenleving gaat spelen, gaat ook ons als bedrijf raken. Duurzaamheid is niet iets wat onze klanten voor hun beleggingen verwachten, maar het is ook iets van APG zelf. Dat betekent dat we in ons jaarverslag melding gaan maken: hoeveel C02 stoten we uit en hoe gaan we ervoor zorgen dat dit 49 % lager ligt in 2030. Wat betekent dat qua huisvesting? Qua reisgedrag. Hoe gaan we onze panden verwarmen. Het thema duurzaamheid staat vanaf 2020  vol op de agenda van APG zelf.’

 

En buiten de organisatie. Wat betekent dit nu voor de deelnemers, consumenten die in de krant lezen dat het onbetaalbaar is, die energietransitie?
‘Natuurlijk gaat de transitie geld kosten. Het beeld dat in sommige media geschetst werd, was: over vijf jaar moet iedereen elektrisch koken, of zonnepanelen op zijn dak. Dus daar moeten we nu mee beginnen en wie betaalt dat dan? Maar waar het om gaat, is dat je aansluit bij de natuurlijke flow van de consument. De financiële sector gaat de consument op dat soort natuurlijke momenten helpen. Dus als je als consument een nieuwe keuken wilt, dan zal de financierende partij zeggen: als je dan toch kiest, dan is het beter om voor inductie te gaan. Dat is iets anders dan: ik heb net een nieuwe keuken en nu blijkt dat ik mijn kookplaat er over twee jaar weer af kan schroeven. Op de momenten dat je keuzes maakt omtrent financiering van je keuken, je huis, je auto, bedrijf: dan vind je een bank, een vermogensbeheerder of een pensioenfonds die zegt: we denken mee bij de financiering van je behoefte, maar we denken tegelijkertijd mee aan hoe jij duurzame keuzes kunt maken.’

Het persbericht over het commitment van de gehele financiële sector aan het Klimaatakkoord vind je hier. Het commitment zelf lees je hier

 

Volgende publicatie:
“Wij gaan voor de lange termijn”

“Wij gaan voor de lange termijn”

Gepubliceerd op: 24 mei 2019

Interview Ronald Wuijster met Managementscope

 

“Bij APG zorgen we voor het inkomen van later voor miljoenen Nederlanders. Dat doen we door een goed rendement te realiseren.”, aldus Wuijster. ”Daarnaast hebben we nog een tweede doel, namelijk bijdragen aan een duurzame wereld.”  APG belegt in koplopers op het gebied van duurzaamheid. Maar ook in bedrijven die de belofte in zich dragen om zo’n koploper te worden. “Als je alleen belegt in bedrijven die het al fantastisch doen, verbeter je de wereld niet.”, stelt hij. “We gebruiken bewust onze invloed om bedrijven en overheden te stimuleren zich verantwoorder op te laten opstellen.”

Aantrekkelijke werkgever
Die maatschappelijke opstelling maakt APG tot een aantrekkelijke werkgever voor beleggers: “Medewerkers vinden voldoening in het bijdragen aan het pensioen van miljoenen mensen en het invloed uitoefenen op bedrijven en overheden. Ze kunnen bij ons aan die doelen werken met een groot vermogen, ze kunnen nieuwe markten betreden en wereldwijd zoeken naar nieuwe beleggingsmogelijkheden met een goed rendement.”

Beleggingsbeleid is verrijkt
Regelmatig wordt er gesproken over een mogelijk dilemma als het gaat om duurzaamheid en rendement. Wuijster kijkt daar genuanceerd naar: “In de praktijk worden we zelden met dat dilemma geconfronteerd, omdat we integraal naar onze beleggingen kijken. De portefeuillemanagers zélf nemen verschillende perspectieven mee in hun afwegingen, dus ook duurzaamheidsfactoren. Als je alleen naar economische factoren of de cashflow kijkt, krijg je een goed, maar eenzijdig beeld van bedrijfsprestaties. Portfoliomanagers zijn gaan inzien dat een breder perspectief de investeringsbeslissing alleen maar versterkt. Het heeft ons beleggingsbeleid dus verrijkt.”

Lange termijn
Wuijster benadrukt in het interview de lange termijn focus van APG, om daarmee maximale pensioenwaarde voor pensioenfondsen en deelnemers te realiseren: “We zien nog teveel aandeelhouders en bestuurders met een horizon van slechts drie maanden. Wij geloven dat je veel verder vooruit moet kijken. Wij willen bijdragen aan het verleggen van de kortetermijnhorizon bij bedrijven en overheden.”

Hij vervolgt: “Bij APG beleggen we niet impulsief. Mensen denken soms dat onze trading floor wordt geregeerd door testosteron. Daarin moet ik ze teleurstellen, dat is zeker niet het geval. Wij gaan voor de lange termijn.”

 

Lees het volledige interview met Managementscope hier

 

Volgende publicatie:
Reactie Gerard van Olphen op Klimaatakkoord

Reactie Gerard van Olphen op Klimaatakkoord

Gepubliceerd op: 21 december 2018

“De Nederlandse financiële sector is positief over het concept Klimaatakkoord dat nu voor ligt. In de afgelopen maanden is hier door vele partijen hard aan gewerkt en dat verdient veel waardering. Nu is het zaak om de volgende stap te zetten om samen de klimaatdoelen van Parijs te halen. De financiële sector, zo blijkt uit het akkoord, neemt haar verantwoordelijkheid als het gaat om klimaatverandering. We gaan miljarden meer investeren in duurzame groei en zullen de CO2-uitstoot van onze financieringen en beleggingen meetbaar en fors verminderen. Zodat onze klanten ook in de toekomst kunnen genieten van een financieel gezonde en tegelijk duurzame wereld. Met het klimaatakkoord vandaag zijn veelbelovende stappen gezet. Tegelijk is nog meer uitwerking en concretisering nodig. De financiële sector wil daar de komende maanden graag verder over in gesprek met alle betrokken partijen.”

 

Op klimaatakkoord.nl is de volledige tekst van het Klimaatakkoord te lezen.

Volgende publicatie:
APG-locaties Amsterdam naar één duurzaam pand

APG-locaties Amsterdam naar één duurzaam pand

Gepubliceerd op: 27 september 2018

APG zal medio 2021 de locatie Symphony Tower aan de Zuidas verlaten en al zijn Amsterdamse activiteiten concentreren in het pand Basisweg 10, vlakbij station Sloterdijk.

 

APG bespaart hierdoor over de looptijd van het huurcontract (17 jaar) een bedrag van €87 miljoen op de huisvestingskosten, wat daarmee bijdraagt aan ons doel om de kosten per deelnemer te verlagen. Het pand zal vanaf januari 2019 door eigenaar Edge Technologies worden verbouwd tot een duurzaam en eigentijds pand. Door de verbouwing ontstaat een moderne werkomgeving die de medewerkers beter faciliteert dan de huidige werkomgeving en uitnodigt om samen te werken aan het hoofddoel van APG, het creëren van maximale pensioenwaarde. Uiteindelijk zullen zo’n 500 medewerkers van locatie Symphony verhuizen naar Basisweg, waar dan zo’n 1000 APG-medewerkers zullen werken.

 

Een van de meest duurzame gebouwen van Nederland
Eigenaar Edge Technologies realiseert het gebouw met een "BREEAM"-duurzaamheidscertificaat met het niveau excellent of hoger waardoor het gebouw bij de meest duurzame gebouwen van Nederland zal gaan horen, in overeenstemming met de uitgangspunten van APG als verantwoorde belegger. Het pand zal qua uitstraling passen bij ons als een toonaangevende pensioenuitvoerder en wereldwijde belegger.

Werkomgeving van hoge kwaliteit
Door de verbouwing ontstaat een moderne werkomgeving die de medewerkers beter faciliteert dan de huidige werkomgeving en uitnodigt om samen te werken. De werkomgeving wordt van een hogere kwaliteit: verschillende werkvormen (bijvoorbeeld geconcentreerd werken, samenwerken, agile werken) worden gefaciliteerd in een flexibel werkconcept.

 

Kosten
Door een lagere m2-prijs, een lagere m2 behoefte en een lager energiegebruik besparen we vanaf 2022, over de looptijd van het huurcontract (17 jaar), een bedrag van €87 miljoen aan huisvestingskosten, wat daarmee bijdraagt aan het doel van APG de kosten per deelnemer te verlagen.

 

Lees ook 'APG verruilt dure Zuidas voor opkomend Sloterdijk', een interview van het Financieele Dagblad met ons lid raad van bestuur Wim Henk Steenpoort (voor artikel is inlog vereist).

 

Volgende publicatie:
Financiële instellingen ontwikkelen methodiek om CO2-impact te meten

Financiële instellingen ontwikkelen methodiek om CO2-impact te meten

Gepubliceerd op: 12 december 2017

Twaalf Nederlandse banken, verzekeraars, fondsbeheerders en pensioenuitvoerders (waaronder APG) hebben een methodiek ontwikkeld om de CO2-impact van hun beleggingen en financieringen te meten.

 

Daardoor kunnen zij zichzelf doelen stellen die eraan bijdragen dat de wereldwijde temperatuurstijging binnen veilige marges blijft. Het eindrapport met de methodiek, het resultaat van twee jaar werk, verscheen op 12 december 2017.

 

Claudia Kruse, Managing Director Global Responsible Investment & Governance at APG Asset Management, zegt: ‘Dit resultaat laat zien hoe belangrijk samenwerking in de sector is. In dit rapport spreken we definities af waarmee we de CO2-voetafdruk in onze portefeuilles beter kunnen meten en vergelijken. Vandaag in Parijs starten we ook een wereldwijde samenwerking met beleggers voor engagement met de mondiale top-100 van grootste CO2-uitstoters. Met hen gaan we de dialoog aan over de governance en rapportage van klimaatrisico’s en het reduceren van de uitstoot van broeikasgassen. Alleen door samenwerking bereiken we de schaal die nodig is om klimaatverandering aan te pakken.’’

 

Invloed op CO2-afdruk

Financiële instellingen kunnen invloed uitoefenen op de CO2-afdruk van ondernemingen. Dat doen ze door de CO2-afdruk van ondernemingen mee te wegen bij hun investerings-beslissingen. En door in dialoog te gaan over de CO2-afdruk van ondernemingen waarin ze beleggen of die ze financieren.

 

Dat gegeven vormt de basis van het Platform Carbon Accounting Financials (PCAF). Dit is een van de eerste initiatieven waarin financiële instellingen samenwerken aan vermindering van de CO2-uitstoot. De leden zijn de banken ABN AMRO, ASN Bank, Triodos Bank en de Volksbank, pensioenfondsen PMT en PME, vermogensbeheerders ACTIAM, Achmea Investment Management, APG, MN en PGGM en ontwikkelingsbank FMO. Tijdens de klimaatconferentie van Parijs beloofden zij in de Dutch Carbon Pledge zich samen in te zetten voor het klimaat. In 2017 sloot verzekeraar Achmea Investment Management zich aan bij PCAF.

 

Uniforme, transparante methodiek

Het plan van de PCAF-leden was in twee jaar tijd een uniforme, transparante methodiek te ontwikkelen waarmee financiële instellingen CO2-doelen kunnen stellen en meten. Het zojuist verschenen rapport bevat dergelijke methodieken voor beursgenoteerde aandelen, projectfinancieringen, staatsobligaties, hypotheken, bedrijfsfinancieringen en onroerend goed. Het rapport is openbaar. Daarmee willen de leden van PCAF andere financiële instellingen stimuleren om ermee aan de slag te gaan.

 

Unieke samenwerking tussen financiële instellingen

Piet Sprengers van ASN Bank, voorzitter van PCAF: ‘We hebben in twee jaar hard werken een mooi resultaat bereikt dankzij de unieke samenwerking van twaalf financials. Het is nu zaak op dit resultaat voort te bouwen en echt met de methodiek aan de slag te gaan. Daarom zetten we PCAF nog twee jaar voort, zodat we elkaar blijven stimuleren en inspireren. Uiteindelijk gaat het erom dat we onze invloed als financier en belegger gebruiken om eraan bij te dragen dat de temperatuurstijging binnen veilige marges blijft.’

 

Methodiek internationaal uitdragen

Het standpunt van PCAF is dat het rapporteren van de CO2-voetafdruk door financiële instellingen een middel is om het uiteindelijke doel te bereiken: sturen op een portefeuille met een geringe CO2-impact, in overeenstemming met het Klimaatverdrag van Parijs. PCAF gaat in ieder geval twee jaar verder. De leden gaan best practices delen, dilemma’s bespreken, en samenwerken om de methodieken te verbeteren. Bovendien gaan zij de ontwikkelde methodiek internationaal uitdragen.  PCAF is ook aangesloten bij het Platform voor Duurzame Financiering onder voorzitterschap van De Nederlandsche Bank (DNB).

 

Over PCAF

Twaalf Nederlandse financiële instellingen – het Platform for Carbon Accounting Financials (PCAF) – werken samen aan de ontwikkeling van transparante ‘open source’-methodieken om de CO2-voetafdruk van hun beleggingen en financieringen te meten. Door de meting en door deze informatie te publiceren verwachten ze effectievere strategieën te ontwikkelen die bijdragen aan een koolstofarme maatschappij. Zij hopen dat belanghebbenden in de Nederlandse financiële sector en daarbuiten dit voorbeeld volgen.

 

Over het Platform voor Duurzame Financiering van DNB

Het Platform voor Duurzame Financiering is een samenwerkingsverband van De Nederlandsche Bank (voorzitter), de Nederlandse Vereniging van Banken, het Verbond van Verzekeraars, de Pensioenfederatie, de Dutch Fund and Asset Management Association (DUFAS), de Autoriteit Financiële Markten, het Ministerie van Financiën, het Ministerie van Infrastructuur en Milieu, en het Sustainable Finance Lab. De Nederlandsche Bank (DNB) heeft het platform in 2016 opgericht om de aandacht voor duurzame financiering in de financiële sector verder te vergroten en te stimuleren.

Volgende publicatie:
APG meest bewust van risico’s klimaatverandering

APG meest bewust van risico’s klimaatverandering

Gepubliceerd op: 28 april 2017

APG is zich van alle grote vermogensbeheerders het meest bewust van de risico’s van klimaatverandering voor de financiële wereld. APG, met 450 miljard euro aan belegd vermogen namens onder andere pensioenfonds ABP, kwalificeerde zich als enige vermogensbeheerder ter wereld voor de beoordeling AAA van het Asset Owners Disclosure Project (AODP).

 

Global Climate Index

Deze in Londen gevestigde onafhankelijke organisatie publiceert jaarlijks een Global Climate Index, waarin wordt gekeken in hoeverre de vijfhonderd grootste institutionele beleggers zich bij hun investeringen laten leiden door de gevolgen en risico’s van de opwarming van de aarde. Het AODP maakt een onderscheid tussen de eigenaren (vooral pensioenfondsen en verzekeraars) en de beheerders (de uitvoerders) van het geld, en waarderen ze met maximaal AAA en minimaal D – of X als ze het klimaat volledig negeren.

 

ABP en bpfBOUW

In deze index van beleggers met een goed klimaatbeleid staat ABP vijfde bij de categorie eigenaren. ABP heeft ook een AAA-score. BpfBOUW staat op de 69e plaats, hoewel dit fonds ook CO2-doelstellingen heeft en net als ABP bij uitvoerder APG zit. Een woordvoerder van APG laat weten dat het onderzoek een sterk vertekend beeld geeft van de stand van zaken bij bpfBOUW. ‘Tijdens dit onderzoek was bpfBOUW bezig met een versterking van het beleid verantwoord beleggen. Daardoor kon geen capaciteit worden vrijgemaakt om de survey van AODP in te vullen’, aldus de woordvoerder. Hierdoor heeft AODP gebruikgemaakt van openbare bronnen waardoor de score volgens APG lager is uitgevallen, aldus de woordvoerder. ‘Mocht bpfBOUW bij een volgende keer actief meewerken aan het onderzoek, dan zal het fonds ongetwijfeld een flinke stijging maken op de ranglijst.’

 

In de index, die deze woensdag voor de vijfde keer is verschenen, schrijft het AODP dat inmiddels zo’n 60 procent van alle institutionele beleggers de financiële risico’s van klimaatverandering onderkennen. Ze eisen dat bedrijven waar ze geld in steken, uitleggen hoe ze die risico’s inschatten. Dat kan bijvoorbeeld gaan over een tekort aan water, het gevaar van overstromingen en zware stormen, of de gevolgen van zeespiegelstijging.

 

Lees hier het artikel in NRC (met daarin ook het complete rapport van AODP)

 

Volgende publicatie:
APG wil investeringen in duurzame energie verdubbelen

APG wil investeringen in duurzame energie verdubbelen

Gepubliceerd op: 22 september 2016

De komende drie jaar wil APG zijn investeringen in duurzame energieproductie verdubbelen van één naar twee miljard euro.


350 institutionele beleggers en financiële instellingen

Kemna, die in New York het woord voert namens een coalitie van bijna 350 institutionele beleggers en financiële instellingen, wijst erop dat op dit moment wereldwijd zo’n 250 miljard dollar geïnvesteerd is in schone energie. Om de ergste vormen van klimaatverandering tegen te gaan, moet dat bedrag binnen een paar jaar worden verdubbeld.

De verdubbeling van de investeringen die APG de komende drie jaar wil realiseren in bijvoorbeeld wind- en zonne-energie, past binnen de verduurzaming van APG’s beleggingsportefeuille. In haar toespraak maakt Kemna bekend dat APG er in geslaagd is om zijn beleggingen in duurzaam vastgoed te verdubbelen naar € 11 miljard in de afgelopen twee jaar. Volgens Kemna is dat een belangrijke stap op de goede weg omdat vastgoed verantwoordelijk is voor zo’n 40 procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen.

 

Duurzaam investeren makkelijk maken

Om duurzaam investeren voor pensioenfondsen en institutionele beleggers eenvoudiger te maken, is het volgens Kemna belangrijk dat overheden zorgen voor duidelijke en stabiele regelgeving. Daarbij gaat het om maatregelen als het afschaffen van subsidies voor fossiele brandstoffen, hogere prijzen voor CO2-uitstootrechten en meer steun voor onderzoek naar schonere energieopwekking.

Om het belang hiervan te onderstrepen, heeft APG samen met andere beleggers een verklaring over klimaatverandering ondertekend waarin overheden gevraagd wordt dit soort maatregelen te nemen. De verklaring wordt onderschreven door 347 beleggers, waaronder Nederlandse pensioenfondsen als ABP, bpfBouw, SPW, PPF APG en verzekeraar Loyalis. Ze spreken de ambitie uit op zoek te gaan naar investeringen met een lage CO2-uitstoot, zover dat past binnen hun hoofdtaak als pensioenverstrekker en verzekeraar. Ook zullen ze bedrijven waarin ze beleggen aanzetten duidelijk en open te zijn over de risico’s die ze lopen door klimaatverandering.