Milieu

Milieu

Iedereen kan een verschil maken in hoe we het klimaat en milieu. Maar het zijn de grote bedrijven op aarde die voor de grootste impact. Welke eisen stellen we aan het milieubeleid van de bedrijven sterven we investeren? Aan de manier waarop ze afvalver we? Hoe we klimaatgericht en circulair denken? We vertellen het hier.

Thema
Duurzaamheid
Collectie inhoud
16 Publicaties

APG legt met WELL lat hoog voor welzijn en gezondheid in kantoren

Gepubliceerd op: 29 juni 2020

Niet alleen met duurzaamheid, maar ook op het gebied van gezonde kantoorgebouwen voor APG-medewerkers gaat APG zijn ambitie flink verhogen: in het nieuwe pand in Amsterdam én in Heerlen.

 

Wie volgend jaar het nieuwe pand van APG ‘Edge West’ aan de Basisweg 10 betreedt, ziet ze meteen: trappen. Niet weggestopt in een tochtig trappenhuis, zoals in veel kantoren, maar vol in het zicht en daarmee impliciet zeggend: “Die lift laten we vandaag maar even staan”. Het daglicht dat door het glazen dak schijnt, kleurt de grote bomen en living walls felgroen. Op de APG kantoorvloer vind je binnen een straal van dertig meter watertappunten. Statafels staan her en der verspreid: zij verleiden je om nu en dan uit je bureaustoel te komen.

 

Gezondheid en welbevinden op kantoor blijven voor APG belangrijke thema’s. Oók nu door corona de thuiswerkplek zich als alternatief heeft bewezen. Marga Petridean, Facility Service contractmanager huisvesting bij APG: “De coronacrisis heeft ons geleerd dat thuiswerken goed kan werken, maar ook dat kantoor een belangrijke plek blijft om samen te komen en geïnspireerd te raken. Een ding weten we zeker bij APG: als medewerkers straks weer naar kantoor gaan, staan gezondheid en welbevinden voorop. Een gezonde en prettige werkomgeving draagt bij aan het welbevinden van onze collega’s en zorgt ervoor dat mensen graag bij APG werken.”

 

Het zijn thema’s die APG zeer serieus neemt, aldus Marga. Sinds enkele jaren bestaat er een certificaat voor welzijn en gezondheid: de WELL Building Standard. Marga: “Met de inrichting van ons vernieuwde kantoor in Amsterdam gaan we voor de zogeheten WELL Gold certificering voor het interieur, in aanvulling op het WELL platinum certificaat voor het cascogebouw, die krijgt Edge West als een van de weinige kantoren in Nederland.”

 

Certificaat


APG heeft CBRE Development Services gevraagd om het nieuwe kantoor Edge Amsterdam West te laten voldoen aan de eisen van het certificaat. Het pand heeft al een hoge ambitie met duurzaamheidscertificering BREEAM Outstanding. Waarom dan nu weer een nieuw certificaat? Zaida Thepass, Sustainability Consultant bij CBRE: “Bij WELL wordt er daadwerkelijk in het gebouw gemeten of je aan de eisen voldoet die bijvoorbeeld worden gesteld aan de luchtkwaliteit, akoestiek en verlichting. Het is de eerste certificering die specifiek gericht is op de gezondheid en het welzijn van gebruikers van een gebouw. Daarmee onderscheidt dit certificaat zich van veel andere keurmerken. Deze standaard is na zeven jaar onderzoek tot stand gekomen en samen met artsen, wetenschappers en vastgoedprofessionals ontwikkeld.”

 

Het is veel meer dan een papiertje, benadrukt Marga. “Door aan de criteria van WELL te voldoen dragen we bij aan een beter welbevinden, betere prestaties en een lager ziekteverzuim. Door de coronacrisis is er nóg meer focus komen te liggen op luchtkwaliteit. Heel prettig dus dat dit ook al wordt meegenomen in de Well-certificering.”

 

We gaan WELL ook toepassen op het pand in Heerlen, benadrukt Marga. “Omdat het daar om bestaande bouw gaat, moeten we nog nader onderzoeken in hoeverre we de APG-ambitie rond WELL inhoud kunnen geven. Dat hoeft niet altijd ingewikkeld te zijn. Zo hebben we in Heerlen al wat welzijnsmaatregelen genomen door bijvoorbeeld de koffiemachines van de werkvloer te halen. Zo stimuleer je op een simpele manier medewerkers om meer te lopen en ongemerkt heel wat stappen te maken op een dag”.

Volgende publicatie:
“Verduurzaming kans om versneld uit crisis te komen”

“Verduurzaming kans om versneld uit crisis te komen”

Gepubliceerd op: 19 juni 2020

De huidige coronacrisis mag geen reden zijn voor bedrijven en overheden om hun ambities op het gebied van duurzaamheid af te zwakken of te laten varen. Sterker nog, verduurzaming is een krachtig middel om uit die crisis te komen.

 

Dat staat in het zogeheten Green Recovery Statement dat koepelorganisatie MVO Nederland vandaag naar buiten heeft gebracht. Meerdere grote bedrijven, waaronder APG, ondersteunen het statement.

 

Zowel op nationaal als op Europees niveau liggen er grote, groene en sociale investeringsplannen die ook kansen bieden voor economisch herstel. De vorig jaar gepresenteerde Green Deal is een voorbeeld daarvan. Door op grootschalig niveau te investeren in duurzaamheid kunnen miljoenen groene banen worden gecreeerd. Zowel publieke als private investeringen zijn nodig om die banenmoter aan de gang te krijgen, zo staat in het statement.

De Covid-19 periode heeft ook het besef gebracht dat keuzes gemaakt moeten worden die goed zijn voor de economie, en verstandig voor klimaat en de mensheid.”

Ambities


Ook voor de Nederlandse economie mag de crisis niet aangegrepen worden om bijvoorbeeld de ambities van het klimaatakkoord af te zwakken, stelt het collectief in het statement. Door nu te investeren in duurzame innovaties kunnen we in Nederland een concurrentievoordeel opbouwen en daarmee ook een stevig verdienmodel voor onze economie.

 

De geformuleerde doelstellingen in de verklaring vertonen veel raakvlakken met het in mei gepresenteerde duurzaamheidsbeleid van APG. Pensioen gaat over samen, leven, en samenleven, vindt APG Het verzorgen van pensioenen voor 5 miljoen huishoudens is op zichzelf al zeer duurzaam als kernactiviteit. Samen leven doen we in een wereld waar we verantwoord mee omgaan. Een van de vier pijlers van die ambitie is om een bijdrage te leveren aan de duurzame ontwikkeling van de BV Nederland. Een andere ambitie is om internationaal koploper te zijn op het gebied van duurzaam beleggen. Met die koppositie kan APG ook een belangrijke bijdrage leveren in de bestrijding van de huidige crisis. Zo investeert APG namens pensioenfondsklanten fors in Covid-19-obligaties. De opbrengst van zulke obligaties wordt onder meer gebruikt voor de financiering van noodmaatregelen in de gezondheidszorg en financiële ondersteuning van het midden- en kleinbedrijf in getroffen landen.

 

Kritisch


Ook het kritisch naar je zelf kijken maakt deel uit van dat nieuwe duurzaamheidsbeleid. ‘Practice what you Preach’. APG trekt dus een been bij in de eigen bedrijfsvoering. Eerder dit jaar sloot APG zich aan bij de coalitie Anders Reizen, een coalitie van ruim vijftig grote organisaties in Nederland die de CO2-uitstoot van zakelijk reizen gehalveerd wil hebben in 2030. APG heeft daarin de belofte uitgesproken kritisch naar zijn eigen reisbeleid te kijken.

Het collectief zegt daarnaast in de verklaring het EU-emissiehandelssysteem (ETS) als een belangrijk middel te zien om de klimaatambities te realiseren. Ook dat standpunt ligt volledig in lijn met dat van APG. De pensioenuitvoerder hield recent nog, samen pensioenfonds ABP een pleidooi voor de beprijzing van CO2.  

 

Duurzaamheid zit, kortom, verweven in wie we als APG zijn en wat we doen, benadrukt bestuursvoorzitter Gerard van Olphen. “Het steunen van dit initiatief onderstreept de visie van APG. De Covid-19 periode heeft donkere tijden gebracht, maar ook het besef dat keuzes gemaakt moeten worden, die nieuwe kansen creëren. Keuzes die goed zijn voor de economie, en verstandig voor klimaat en de mensheid.”

Volgende publicatie:
APG roept regering op: laat grote vervuilers niet buiten schot

APG roept regering op: laat grote vervuilers niet buiten schot

Gepubliceerd op: 8 juni 2020

Economie stimuleren tijdens corona mét oog voor Klimaatakkoord

Samen met pensioensfonds en klant ABP roept APG de regering op zo snel mogelijk over te gaan op het beprijzen van CO2. Dit versnelt de benodigde groene investeringen en stimuleert de economie. Geraldine Leegwater, bestuurslid ABP, en Ronald Wuijster, lid raad van bestuur APG motiveren vandaag op de opiniepagina van het FD waarom ze aan de bel trekken.

 

In het klimaatakkoord is afgesproken dat Nederland desnoods eenzijdig een bredere en stijgende CO2-heffing zal invoeren. Maar uit de toelichting op het conceptwetsvoorstel bleek vorige week dat het kabinet vanwege de coronacrisis toch iets minder snel wil gaan voor grote bedrijven die veel buitenlandse concurrentie ondervinden.

 

ABP en APG onderschrijven en ondersteunen de klimaatambities van Parijs. De onverwachte crisis maakt volgens hen stevig ingrijpen in Nederland én in Europa nodig om de economie opnieuw op gang te brengen. Dit moet wel op een manier gebeuren die bijdraagt aan de klimaat- en energietransitie. Grote vervuilers buiten schot laten past daar niet bij.

 

Om het artikel Institutionele beleggers dringen aan op snelle invoering CO2-beprijzing online te kunnen lezen is een login vereist. 

Volgende publicatie:
APG neemt deel aan campagne Anders Reizen

APG neemt deel aan campagne Anders Reizen

Gepubliceerd op: 2 juni 2020

Eerder dit jaar sloot APG zich aan bij de coalitie Anders Reizen, een coalitie van ruim vijftig grote organisaties in Nederland die de CO2-uitstoot van zakelijk reizen gehalveerd wil hebben in 2030. Deze ambitie en de aanscherping van onze eigen ambitie op gebied van duurzaamheid leidden ertoe dat we in 2020 kritisch naar ons huidige mobiliteitsbeleid kijken. Daar was APG druk mee bezig toen de coronacrisis uitbrak en het overgrote deel van de APG-medewerkers vanuit thuis aan het werk ging en helemaal niet meer reisde.

 

Dit remt de ontwikkeling van het nieuwe mobiliteitsplan echter niet af, maar zorgt juist voor nieuwe inzichten die zullen worden meegenomen in het plan. Niet alleen op de korte, maar zeker ook op de lange termijn.

 

Op dit moment wordt bij APG nog intensief thuisgewerkt. Daar komt tot september geen verandering in, de RIVM richtlijnen zijn daarbij leidend. Op een bepaald moment volgt waarschijnlijk een periode  waarin steeds meer medewerkers naar kantoor reizen. Als deelnemer van Anders Reizen voelt APG de verantwoordelijkheid om het goede voorbeeld te geven. En dat houdt in dat APG zijn medewerkers gezond, veilig en duurzaam naar het werk laat verplaatsen als dat weer mag. Het beperken en spreiden van mobiliteit staan daarbij bovenaan.

 

Dit is ook precies wat de leden van de coalitie hebben afgesproken. Deze aanpak voorkomt drukte op de weg, in het openbaar vervoer en op kantoor. De deelnemende werkgevers zetten extra in op het gebruik van de fiets als gezond en duurzaam alternatief. Daarnaast is afgesproken om het vliegverkeer tot een minimum te beperken. Naar verwachting gebeurt dit minimaal tot het einde van het jaar.

 

Het merendeel van de aangesloten werkgevers past naar aanleiding van de coronamaatregelen zijn mobiliteitsbeleid aan, en zoekt daarbij naar een gezond evenwicht tussen werken op afstand en ontmoeten op kantoor. Vragen als ‘Hoe willen we dat onze nieuwe manier van werken en reizen er straks uitziet?’, ‘Hoe voorkomen we een terugval naar oude patronen?’ en ‘Is deel van de oplossing dat medewerkers geheel of gedeeltelijk thuis blijven werken?’ worden onderling uitgewisseld. Op die manier helpen bedrijven elkaar om nieuwe ervaringen met flexibel werken en reizen te evalueren en te verankeren in het nieuwe, duurzame normaal.

 

Vandaag lanceert Anders Reizen een mediacampagne om het zakelijke reisgedrag ook na het intensieve thuiswerken zo laag mogelijk te houden. In dat kader verschijnt vandaag in het Financieel Dagblad een artikel waarin de Coalitie Anders Reizen een statement afgeeft over het reizen tijdens de coronamaatregelen.

Volgende publicatie:
APG wil CO2-opname natuurlijke ecosystemen verbeteren

APG wil CO2-opname natuurlijke ecosystemen verbeteren

Gepubliceerd op: 30 maart 2020

Steeds meer luchtvaartmaatschappijen, energieleveranciers en andere CO2-intensieve bedrijven kondigen aan uiterlijk in 2050 CO2-neutraal te willen zijn. Maar hoe werkt dat? Naast het terugbrengen van de CO2-uitstoot investeren bedrijven steeds meer in het verbeteren van de CO2-opname door natuurlijke ecosystemen. Dat idee is niet nieuw, maar door hun toenemende schaalgrootte en professionaliteit worden zulke op de natuur gebaseerde oplossingen (Nature-based solutions of NbS) ook interessanter voor institutionele beleggers als APG, zegt Jos Lemmens.

 

Nestlé, ThyssenKrupp, Volkswagen, Repsol en BP: het zijn slechts een paar voorbeelden van de vele bedrijven die recent de ambitie hebben uitgesproken om uiterlijk in 2050 hun netto CO2-uitstoot terug te brengen tot nul. Hoewel er op details verschillen zijn, komt de aanpak van deze bedrijven op één punt overeen; ze zetten deels in op het vergroten van ‘negatieve uitstoot’ door ervoor te zorgen dat natuurlijke ecosystemen meer broeikasgassen kunnen vasthouden.  

Dit soort natuur-gebaseerde oplossingen zijn er al een tijdje, zegt Jos Lemmens, Senior Portfolio Manager van het Natural Resources Fund bij APG Asset Management, en een van de managers van een portefeuille met land- en bosbouwgronden. “Vaak wordt hierbij gedacht aan de markt voor CO2-credits, maar er zijn andere manieren waarop kan worden bijgedragen aan het vasthouden van broeikasgassen. Bijvoorbeeld door NbS te integreren in de aankoop en het onderhoud van land- en bosbouwgronden. We weten dat natuurlijke ecosystemen heel goed CO2 opnemen. In potentie kunnen zij 30 procent van de wereldwijde uitstoot vasthouden. Om dat potentieel volledig te benutten, moeten natuurlijke ecosystemen worden behouden, verbeterd en uitgebreid.

 

APG investeert namens zijn pensioenfondsklanten in productiebossen en landbouwgronden. Wanneer deze goed worden beheerd, kunnen ze meer COvasthouden in de bomen en de bodem, wat hun waarde vergroot. Dit biedt voordelen voor alle betrokkenen – beleggers, ontwikkelaars en lokale gemeenschappen.

 

Omslagpunt

Vóór de uitbraak van de corona-crisis sprak Jos op een conferentie, mede georganiseerd door APG, waar onderzoekers, beleggers, bedrijven en beleidsmakers bespraken hoe ze NbS schaalbaar kunnen maken en dus aantrekkelijker om in te investeren. “De markt lijkt op een omslagpunt te zijn aanbeland,” zegt Jos. “Initiatieven zijn vaak nog kleinschalig.. Maar nu grote bedrijven deze markt betreden, kunnen ontwikkelaars profiteren van de mogelijkheden op het gebied van financiering, marketing en risicomanagement die deze nieuwe partijen meebrengen.”

Eén van de belangrijkste uitkomsten van de conferentie was dat we ‘op vele paarden’ moeten wedden om klimaatverandering aan te kunnen pakken. Duncan van Bergen, VP Nature-based Solutions bij Shell, legde uit dat Shell niet alleen stappen neemt om de CO2-intensiteit van zijn producten terug te brengen, maar dat het bedrijf nu ook USD 300 miljoen per jaar investeert in NbS. Veel bedrijven hebben plannen aangekondigd om bomen te planten of moerasgebieden te (her)ontwikkelen, naast het terugbrengen van de CO2-uitstoot. Dat een grote hoeveelheid ‘negatieve uitstoot’ nodig is om de stijging van de gemiddelde temperatuur op aarde ruim onder de 2 graden te houden, is nu algemeen geaccepteerd.

 

De beleggingscase

Het opschalen van NbS-projecten kan ze aantrekkelijk maken voor grote beleggers als APG, zegt Jos. “Het is geen kwestie van eenvoudigweg een paar bomen planten. We bepalen hoe we NbS kunnen inzetten om een solide beleggingscase te bouwen. Op de lange termijn kan een belegging  alleen maar winstgevend zijn als het land – ons kapitaal – goed beheerd en beschermd wordt tegen degeneratie. Investeringen in natuurlijke hulpbronnen moeten duurzaam zijn om commercieel interessant te zijn op de lange termijn, en vice versa.”

De conferentie maakte duidelijk dat alle betrokkenen – inclusief bedrijven, aanbieders van NbS en beleggers – hun krachten willen bundelen om deze markt verder te ontwikkelen. “Wanneer het gaat om het investeren in natuurlijke hulpbronnen is duurzaamheid geen bijkomstigheid maar de kern van wat we doen. Als grote belegger hebben we de kans om echt verschil te maken, al is het maar een klein beetje, met elke van de vele euro’s die we investeren.”

Volgende publicatie:
APG wil CO₂-voetafdruk eigen mobiliteit halveren

APG wil CO₂-voetafdruk eigen mobiliteit halveren

Gepubliceerd op: 21 februari 2020

Onlangs heeft APG zich aangesloten bij Anders Reizen. Dit is een coalitie van zo’n 50 organisaties met als gezamenlijke ambitie de halvering van de CO₂-uitstoot van zakelijk reizen in 2030 (t.o.v. 2016). Door toe te treden tot deze coalitie wil APG gebruikmaken van de ervaring van andere bedrijven, en die inzetten om de uitstoot van het eigen zakelijk reisverkeer per medewerker in 2030 met de helft teruggebracht te hebben.

Met zakelijk reizen wordt bedoeld het woon-werk verkeer en de andere reizen voor de werkgever, inclusief vliegreizen.


Duurzamer reizen


Gerard van Olphen, bestuursvoorzitter van APG, laat geen twijfel bestaan over het potentieel voor mobiliteitsverduurzaming binnen de organisatie: “Wat wij van andere ondernemingen verwachten als grote, duurzame en verantwoorde belegger, willen en moeten we zelf natuurlijk ook doen. We zijn simpelweg nog niet duurzaam genoeg. Daarom gaan we ons mobiliteitsbeleid dit jaar aanpassen. Concreet kun je daarbij denken aan het terugdringen van het autogebruik, onder andere door het gebruik van het openbaar vervoer te stimuleren en kritisch naar het parkeerbeleid te kijken. We gaan het leasewagenpark verduurzamen, en we willen het aantal vliegreizen verminderen. Voor sommige medewerkers kan dit een aanpassing betekenen van hun woon-werkverkeer.”

 

Bij APG zijn in totaal zo’n 3000 mensen werkzaam, waarvan een groot deel in Heerlen en Amsterdam en een aantal in New York en Hongkong. Ook daar is ruimte voor mobiliteitsverduurzaming. Van Olphen: “Zowel in Nederland als in het buitenland willen we onnodig reizen zo veel mogelijk gaan voorkomen. De samenvoeging van onze Amsterdamse locaties in één modern, energieneutraal pand bij station Sloterdijk is in ieder geval al een stap in de goede richting – voor het milieu, maar het scheelt ook aanzienlijk in huisvestingskosten.”

 

Leefbare wereld

 

De ondertekening van de ‘Dutch Business Sustainable Mobility Pledge’ vormt het startpunt voor APG om ook via het eigen mobiliteitsbeleid invulling te geven aan zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid. Van Olphen: “Voor APG is pensioen meer dan geld alleen. We voelen ons verantwoordelijk voor het zekerstellen van een goed inkomen voor onze ouders en onze kinderen. Nu, straks en later. En we willen dat ze dat inkomen krijgen in een prettig leefbare wereld.”

Volgende publicatie:
Database belangrijke stap richting veilige mijndammen

Database belangrijke stap richting veilige mijndammen

Gepubliceerd op: 29 januari 2020

APG deelnemer in ‘Global Mining and Tailings Safety Initiative’

 

Hoe zorgen beleggers en mijnbouwbedrijven ervoor dat afvaldammen veiliger worden? Afgelopen weekend – een jaar na de ramp bij Brumadinho – lanceerde een samenwerkingsverband van beleggers een database voor afvaldammen. De database maakt deel uit van een ambitieus initiatief om tragedies zoals in Brumadinho in de toekomst te voorkomen.

De database bevat vooralsnog informatie over 1.939 dammen. Het totale volume aan afval in deze dammen is 45.7 miljard kubieke meter, vergelijkbaar met de inhoud van 11.400 keer het Wembley Stadion. Het is niet bekend hoeveel afvaldammen er wereldwijd zijn: schattingen lopen uiteen van 4.000 tot 18.000. Slechts een klein deel hiervan is momenteel in gebruik.

 

Beleggerscoalitie

In de afgelopen jaren is er een aantal tragische incidenten geweest met opslagfaciliteiten voor mijnafval - ook wel ‘tailings dams’ genoemd. In januari 2019 bezweek een afvaldam nabij het  Braziliaanse stadje Brumadinho: 270 mensen kwamen om het leven. Na ‘Brumadinho’ nam de Church of England het initiatief voor de vorming van een samenwerkingsverband van beleggers. APG neemt – namens zijn pensioenfondsklanten ABP, bpfBOUW, SPW en APG PPF – deel aan dit Global Mining and Tailings Safety Initiative.

 

Goed begin

"Toegegeven, het aantal afvaldammen dat in de database is opgenomen, is nog relatief klein”, zegt Ileana van Hagen, Senior Portfolio Manager Credits bij APG Asset Management. Zij vertegenwoordigt APG en haar pensioenfondsklanten bij het Initiatief. “Maar het is een goed begin en laat zien wat wij als belegger van mijnbouwbedrijven verwachten. Bemoedigend is dat 40 van de 50 grootste mijnbouwbedrijven al informatie voor de database hebben verstrekt. Ileana: "De uitdaging is nu om ook de kleinere mijnbedrijven aan boord te krijgen."

 

Inspecties door satellieten

Via de database krijgen gebruikers informatie over de welke afvaldammen eigendom zijn van welke bedrijven. Ook staan er gegevens over al bekende stabiliteitsproblemen en welke impact een breuk of verschuiving van een dam kan hebben. In toekomstige updates van de database zal ook gebruik worden gemaakt van satellietbeelden en kunstmatige intelligentie om dammen te lokaliseren en het ‘weglekken’ van afval op te sporen. Dat laatste kan erop duiden dat de dam instabiel is.

 

Waarschuwingssysteem

Naast de database kondigde het samenwerkingsverband ook de ambitie aan om te komen tot een 24/7 waarschuwingssysteem voor afvaldammen. Dergelijke systemen – waarbij lokale autoriteiten en betrokken bedrijven automatisch worden gewaarschuwd als er een veiligheidsissue is – bestaan al in de scheep- en luchtvaart. Ook deden de beleggers een dringende oproep aan bedrijven om de gevaarlijkste dammen zo snel mogelijk te ontmantelen.

 

Wereldwijde standaard

Het initiatief heeft mijnbouwbedrijven, experts en beleggers samengebracht. Ileana: “Het is bemoedigend dat het initiatief in tien maanden tijd al tastbare resultaten heeft opgeleverd. Een daarvan is de ontwikkeling van een wereldwijde standaard voor veilig beheer van afvaldammen, die in april wordt gepubliceerd. Ons doel is ervoor te zorgen dat dammen veilig zijn, zodat tragische gebeurtenissen zoals ‘Brumadinho’ zich niet herhalen."

Volgende publicatie:
APG en ABP investeren in nieuw windmolenpark in Oostflakkee

APG en ABP investeren in nieuw windmolenpark in Oostflakkee

Gepubliceerd op: 20 december 2019

APG en ABP kondigen vandaag de ontwikkeling van een nieuw, 32MW windenergieproject op land aan in Oostflakkee, 30 km ten zuidwesten van Rotterdam. De ontwikkeling wordt uitgevoerd door Kallista Energy. Een onafhankelijke en gespecialiseerde uitvoerder van duurzame energieprojecten.

We spraken met verantwoordelijk beleggers Jan-Willem Ruisbroek, Head of Global Infrastructure Investment Strategy en voorzitter van Kallista Energy - en Lee Crossingham, Portfolio Manager Infrastructure en bestuurslid van Kallista Energy.

 

Wat is de reden om in dit windmolenparkproject te investeren?

Jan-Willem: “APG doet graag investeringen die niet alleen sterke, lange termijn beleggingsrendementen opleveren voor onze pensioenfondsklanten en hun deelnemers maar ook bijdragen aan het welzijn van de samenleving waarvoor we werken. Deze belegging is een goed voorbeeld van dit dubbele doel: solide lange termijn rendementen en schone, groene energie voor meer dan 35.000 Nederlandse huishoudens.”

Lee: “Dit is de eerste directe investering voor APG en ABP in de duurzame energie in Nederland. We zijn al langer actief in hernieuwbare energie in verschillende regio's in Europa, Noord- en Zuid-Amerika en Azië, maar het betreden van Nederland, onze thuismarkt, vormt een nieuw en belangrijk hoofdstuk in de reis naar duurzame energie. ”

 

Wat is de rol van Kallista Energy?

Lee: “Kallista Energy is een onafhankelijke ontwikkelaar van hernieuwbare energie in Frankrijk, die grotendeels in handen is van APG. Kallista heeft al een uitstekende staat van dienst in Frankrijk, waar het platform een ​​windmolenparkportfolio van meer dan 200 MW exploiteert en de komende jaren nog eens 500 MW ontwikkelt. Dit project is de eerste stap in de uitbreiding van het Kallista-platform naar Nederland. ”

 

Dit project is een windpark op land, wat soms controversieel kan zijn. Hoe gaan jullie om met dergelijke zorgen?

Lee: “We gaan zeer zorgvuldig en proactief te werk wanneer we een nieuw, duurzaam energieproject opzetten. Daarbij betrekken we alle relevante belanghebbenden. In dit geval werd het project geïnitieerd door een groep lokale agrariërs en is het in lijn met de duurzaamheidsambities van Goeree-Overflakkee Meer in het algemeen komt het project ten goede aan alle Nederlandse burgers door een besparing van meer 1,2 miljoen ton CO2-equivalent gedurende de levensduur van het project. Hiermee leveren we ook een bijdrage aan het realiseren van de klimaatdoelen van Parijs.”

 

Kunnen we de komende jaren meer van dit soort investeringen in infrastructuur verwachten?

Jan-Willem: “We hebben veel vertrouwen in het Kallista Energy-platform en zien deze belegging als de eerste stap in een groter groeiplan voor Nederland, Frankrijk en Duitsland. Meer in het algemeen willen onze pensioenfondsklanten dat we meer in infrastructuur beleggen. Daarom zijn we constant op zoek naar andere aantrekkelijke mogelijkheden. We verwachten in de komende jaren zeker meer investeringen in duurzame energie-infrastructuur te doen.”

 

persbericht APG

 

persbericht ABP

Volgende publicatie:
APG draagt bij aan lagere CO2-uitstoot Europees treintransport

APG draagt bij aan lagere CO2-uitstoot Europees treintransport

Gepubliceerd op: 20 december 2019

APG heeft namens haar pensioenfondsklanten een belang genomen van 41,1% in Alpha Trains, een leasemaatschappij voor passagierstreinen en locomotieven in Europa. Het grootste deel van de vloot is elektrisch en draagt daardoor bij aan een lagere CO2-uitstoot van de Europese transportsector. De investering sluit aan bij de duurzame beleggingsstrategie.

‘Als verantwoordelijke pensioenbelegger op de lange termijn zoeken we continu naar aantrekkelijke beleggingen waarmee we stabiele opbrengsten kunnen realiseren voor onze pensioenfondsklanten’, zegt Peter Branner, CIO van APG.


‘Tegelijkertijd dragen we bij aan een duurzame wereld. De investering in Alpha Trains Group past perfect in onze investeringsstrategie: de vloot van voornamelijk elektrische treinen en locomotieven van Alpha Trains bevordert duurzaam, koolstofarm massatransport binnen Europa en biedt tegelijkertijd toegang tot een bedrijfsmodel op lange termijn met sterke groei en goede kasstromen.’

 

Marktleider

Alpha Trains verhuurt rollend materieel aan trein- en locomotiefoperators. Zij krijgen zo de flexibiliteit om dynamisch en commercieel te reageren op kansen die zich voordoen op de markt voor railvervoer. Onafhankelijk van investeringsoverwegingen op de lange termijn.
De Alpha Trains-portefeuille bestaat uit meer dan 800 passagierstreinen en locomotieven die worden gehuurd in Europa (onder andere Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje en de Benelux). Daar is Alpha Trains marktleider onder de particuliere verhuurders van rollend materieel.

 

Zie persbericht

Volgende publicatie:
‘Dit mag geen papieren tijger worden’

‘Dit mag geen papieren tijger worden’

Gepubliceerd op: 10 juli 2019

Vandaag zette APG-bestuursvoorzitter Gerard van Olphen in Den Haag zijn handtekening onder het document waarmee de Nederlandse financiële sector zich verbindt aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord en het Akkoord van Parijs.

 

Hij zal het tijdens het gesprek een paar keer zeggen: dit commitment is uniek. Enig in zijn soort. ‘Pensioenfondsen, verzekeraars, banken en vermogensbeheerders gaan dit geheel vrijwillig aan en zullen hier transparant verantwoording over afleggen aan de maatschappij. Het feit dat de financiële sector zich aan deze afspraken verbindt, heeft echt een enorme impact. Want vergis je niet: het gaat om 80-90 procent van het geld in Nederland. De partijen die vandaag tekenen vertegenwoordigen zo’n 3.000 miljard euro. Daarmee is de Nederlandse financiële sector een aanjager en een facilitator van de transitie die Nederland te gaan heeft. We geven het vorm. Dragen bij aan de totstandkoming. En ja, daar ben ik heel trots op.’

Vanzelfsprekend, weet ook Van Olphen, is het de industrie zelf die zijn fabrieken schoner moet maken,. ‘Dat kunnen wij niet voor ze doen. Ze zullen zelf de CO2-uitstoot moeten reduceren. Maar het feit dat wij als sector business cases niet alleen op financiële haalbaarheid beoordelen maar ook volgens de richtlijnen van Parijs, betekent dat vervuilende of minder ambitieuze initiatieven op het gebied van CO2-reductie moeizamer geld gaan krijgen dan plannen die echt bijdragen aan een duurzamer samenleving.’

 

Het bijzondere van de gezamenlijke verklaring is ook de ons omringende landen niet ontgaan. In Brussel, Londen, op de G20:  dit commitment zal op diverse buitenlandse podia door de minister van Financiën, door de sector of door Gerard van Olphen zelf de komende tijd worden besproken. De internationale financiële wereld kijkt met bewondering naar dit typisch Nederlandse poldermanifest. Van Olphen: ‘In heel veel landen hobbelt de financiële sector er eerder achteraan, dan dat ze meehelpen de klimaatafspraken vorm te geven.’

 

Wat maakt het nu precies tot zo’n bijzonder document?
‘Als financiële sector ben je vooral verantwoordelijk voor het geld van anderen en dus ben je gehouden om een goed risicorendementsprofiel te hebben. Je kunt niet zeggen: u krijgt minder pensioen want wij financieren de energietransitie. Maar dit is wel een hele harde inspanningsverplichting om daar een - ik zou bijna zeggen-  katalyserende rol in te spelen. Want we gaan van alle relevante investeringen die we doen de CO2-impact vaststellen en daarover rapporteren. We gaan daarop een reductiedoelstelling afspreken die in overeenstemming is met Parijs. Dus 49% minder C02 uitstoot in 2030. En we gaan daarover publiekelijk verantwoording afleggen. En dat gaan we doen als onderdeel van een nationale verantwoording. Een keer per jaar gaat de minister als uitvloeisel van het klimaatakkoord naar de Kamer om uit te leggen: doen we genoeg op het terrein van het klimaat. Halen we onze doelstellingen? Dit commitment is daar een integraal onderdeel van.’

 

Je bent trots op het commitment dat er ligt, maar toch niet helemaal tevreden. Hoe komt dat?
‘Toen ik werd gevraagd om voorzitter van de taakgroep financiering te worden was het beeld: voor het Kamerreces van 2018 willen we al met een Klimaatakkoord naar de Tweede Kamer toe. Nederland gaat snel aan de slag met die energietransitie. Dat bleek uiteindelijk een taaier en moeizamer proces dan we dachten.  Er waren eerst  vijf primaire tafels actief. Financiering was aanvankelijk een ondersteunende rol toebedacht, net als arbeidsmarkt. Ons beeld was: aan die primaire tafels  - transport, landbouw, gebouwde omgeving, elektriciteit, industrie -  is inmiddels al heel veel gebeurd en die komen nu met hele concrete investeringsvragen naar de financieringstafel. Op het niveau van: we gaan een lightrail bouwen van de Randstad naar Schiphol, we hebben waterstofcentrales nodig of er moet massale elektrificatie plaatsvinden.’

Maar de praktijk bleek weerbarstig. ‘Er kwam namelijk niets.’ Soms als gevolg van tegenstrijdige belangen. Maar ook omdat er nog geen duidelijke richting zat in de klimaatplannen. ‘Er moesten nog heel veel keuzes gemaakt worden. Gaat Nederland inzetten op elektrificatie of op waterstof. Komt er wel of geen wetgeving over CO2-beprijzing? Dus heel veel voorwaarden voor een goeie businesscase waren nog niet ingevuld.’ Achteraf bezien ook heel logisch. De materie is veelomvattend en complex en vraagt ook om een breed maatschappelijk draagvlak. Misschien was ik ook wel wat naïef aan het begin.’

 

Geen regie, heel veel verschillende belangen.
‘Iemand zei me: toen ik begon dacht ik dat het een voetbalwedstrijd was. Maar halverwege denk ik: ik sta nu voor de goal er komst iets op me afvliegen. Dat was eerst  een voetbal, ergens is het een honkbal geworden, en ik nu ik verwacht word het in te koppen weet ik niet of het geen bowlingbal is. En voordat ik kop, wil ik dat wel even weten.’

 

Zo ervoer jij het ook?
‘Diplomatiek: ‘Het was in de eerste fase een zoekproces. Wat ons ook helder werd, naast het feit dat het aan richting ontbrak: aan die tafels was de structuur van de financiële sector niet bekend. Als er aan een van de tafels de vraag kwam: wij hebben geld nodig, was onze tegenvraag: wat voor geld? Nou ja, geld. Maar, wat voor geld. Nou, euro’s  De vraag vanuit de financiële sector is dan:  Risicodragend, niet risicodragend, kort, lang, hybride?  Daarom hebben we een financieringswijzer ontwikkeld. Zodat vraag en aanbod op het gebied van financiering beter bekend is.  Daarnaast werkten we nauw samen met de meeste primaire tafels, soms in gezamenlijke workshops, soms door participatie in de desbetreffende tafel of op een andere manier.’

 

In februari van dit jaar,  kwam er – na veel commotie in de media over de betaalbaarheid van de transitie – de ‘kabinetsappreciatie’ voor het akkoord op hoofdlijnen. Voor de taakgroep aanleiding zich te buigen over haar rol bij het vervolg. Hoe nu verder?  ‘We hebben toen afgesproken om ons op twee zaken te concentreren. De eerste was het commitment, dat we vandaag tekenen. Het tweede was het mede ondersteunen van Invest NL. Er was inmiddels besloten tot het oprichten van Invest NL, een investeringsmaatschappij van de Nederlandse Staat waar Wouter Bos leiding aan is gaan geven.  Invest NL als loket en facilitator voor partijen die op zoek zijn naar financiering in het kader van de energietransitie.  Het is de investeringsmaatschappij die 2,5 miljard van de staat heeft gekregen om de transitie verder te helpen. Het idee: met die 2,5 miljard gaan we niet de energietransitie financieren, maar als we dat op de goeie plek investeren, kan de private markt misschien wel een veelvoud tegen marktconforme voorwaarden investeren en komt er investeringscapaciteit ter beschikking.’

 

En nu ligt het commitment er. Ben je niet bang dat dit een papieren tijger wordt? Vooral het uniformeren van metingen lijkt me een hels karwei.
‘Het hoofdstuk dat er nu aankomt is: hoe borgen we dit. Dit mag geen papieren tijger worden. Dit moet echt iets zijn waarbij de financiële sector oprecht verantwoording aflegt aan politiek en samenleving over de inspanning die ze doen. Er moet dus ook een onafhankelijke borging komen, en die zal het in het begin wel eens lastig hebben om te zeggen: partij A rapporteert op die standaard, partij B op die standaard, maar waar het om gaat: klopt de onderliggende beweging? En als het niet klopt, moet die partij kunnen zeggen: beste financiële sector, u moet uw inspanningen verhogen.’

 

En die onafhankelijke partij komt er ook?
‘Ja. Die gaat er komen.’

 

Probleem is: je kunt niet sanctioneren. Hooguit doordat partijen die achterblijven publieke verantwoording af moeten leggen. Of doordat de sector druk uitoefent
‘Ik denk niet meteen aan naming and shaming. Maar in het hypothetische geval dat een partij een notoire dwarsligger is, zullen er uiteindelijk vanuit de sector zelf correcties komen. De sector heeft inmiddels voldoende ervaring opgebouwd met pijnlijke dossiers waar ze maatschappelijk ter verantwoording zijn geroepen en zelf te laat actie hebben ondernomen. Of je nu naar de  woekerpolissen kijkt bij de verzekeraars, de rentederivaten bij de banken of de communicatie over kortingen bij pensioenfondsen: van die maatschappelijke discussies hebben we inmiddels geleerd dat dat niet zo werkt.’

 

Wat is nu de impact hiervan op APG zelf?
‘Dit betekent dat APG ook als bedrijf zich verplicht om de CO2-uitstoot terug te brengen in lijn met Parijs. Dat houdt in: minder mobiliteit, minder gasverbruik. Alles wat in de samenleving gaat spelen, gaat ook ons als bedrijf raken. Duurzaamheid is niet iets wat onze klanten voor hun beleggingen verwachten, maar het is ook iets van APG zelf. Dat betekent dat we in ons jaarverslag melding gaan maken: hoeveel C02 stoten we uit en hoe gaan we ervoor zorgen dat dit 49 % lager ligt in 2030. Wat betekent dat qua huisvesting? Qua reisgedrag. Hoe gaan we onze panden verwarmen. Het thema duurzaamheid staat vanaf 2020  vol op de agenda van APG zelf.’

 

En buiten de organisatie. Wat betekent dit nu voor de deelnemers, consumenten die in de krant lezen dat het onbetaalbaar is, die energietransitie?
‘Natuurlijk gaat de transitie geld kosten. Het beeld dat in sommige media geschetst werd, was: over vijf jaar moet iedereen elektrisch koken, of zonnepanelen op zijn dak. Dus daar moeten we nu mee beginnen en wie betaalt dat dan? Maar waar het om gaat, is dat je aansluit bij de natuurlijke flow van de consument. De financiële sector gaat de consument op dat soort natuurlijke momenten helpen. Dus als je als consument een nieuwe keuken wilt, dan zal de financierende partij zeggen: als je dan toch kiest, dan is het beter om voor inductie te gaan. Dat is iets anders dan: ik heb net een nieuwe keuken en nu blijkt dat ik mijn kookplaat er over twee jaar weer af kan schroeven. Op de momenten dat je keuzes maakt omtrent financiering van je keuken, je huis, je auto, bedrijf: dan vind je een bank, een vermogensbeheerder of een pensioenfonds die zegt: we denken mee bij de financiering van je behoefte, maar we denken tegelijkertijd mee aan hoe jij duurzame keuzes kunt maken.’

Het persbericht over het commitment van de gehele financiële sector aan het Klimaatakkoord vind je hier. Het commitment zelf lees je hier

 

Volgende publicatie:
“Wij gaan voor de lange termijn”

“Wij gaan voor de lange termijn”

Gepubliceerd op: 24 mei 2019

Interview Ronald Wuijster met Managementscope

 

“Bij APG zorgen we voor het inkomen van later voor miljoenen Nederlanders. Dat doen we door een goed rendement te realiseren.”, aldus Wuijster. ”Daarnaast hebben we nog een tweede doel, namelijk bijdragen aan een duurzame wereld.”  APG belegt in koplopers op het gebied van duurzaamheid. Maar ook in bedrijven die de belofte in zich dragen om zo’n koploper te worden. “Als je alleen belegt in bedrijven die het al fantastisch doen, verbeter je de wereld niet.”, stelt hij. “We gebruiken bewust onze invloed om bedrijven en overheden te stimuleren zich verantwoorder op te laten opstellen.”

Aantrekkelijke werkgever
Die maatschappelijke opstelling maakt APG tot een aantrekkelijke werkgever voor beleggers: “Medewerkers vinden voldoening in het bijdragen aan het pensioen van miljoenen mensen en het invloed uitoefenen op bedrijven en overheden. Ze kunnen bij ons aan die doelen werken met een groot vermogen, ze kunnen nieuwe markten betreden en wereldwijd zoeken naar nieuwe beleggingsmogelijkheden met een goed rendement.”

Beleggingsbeleid is verrijkt
Regelmatig wordt er gesproken over een mogelijk dilemma als het gaat om duurzaamheid en rendement. Wuijster kijkt daar genuanceerd naar: “In de praktijk worden we zelden met dat dilemma geconfronteerd, omdat we integraal naar onze beleggingen kijken. De portefeuillemanagers zélf nemen verschillende perspectieven mee in hun afwegingen, dus ook duurzaamheidsfactoren. Als je alleen naar economische factoren of de cashflow kijkt, krijg je een goed, maar eenzijdig beeld van bedrijfsprestaties. Portfoliomanagers zijn gaan inzien dat een breder perspectief de investeringsbeslissing alleen maar versterkt. Het heeft ons beleggingsbeleid dus verrijkt.”

Lange termijn
Wuijster benadrukt in het interview de lange termijn focus van APG, om daarmee maximale pensioenwaarde voor pensioenfondsen en deelnemers te realiseren: “We zien nog teveel aandeelhouders en bestuurders met een horizon van slechts drie maanden. Wij geloven dat je veel verder vooruit moet kijken. Wij willen bijdragen aan het verleggen van de kortetermijnhorizon bij bedrijven en overheden.”

Hij vervolgt: “Bij APG beleggen we niet impulsief. Mensen denken soms dat onze trading floor wordt geregeerd door testosteron. Daarin moet ik ze teleurstellen, dat is zeker niet het geval. Wij gaan voor de lange termijn.”

 

Lees het volledige interview met Managementscope hier

 

Volgende publicatie:
Reactie Gerard van Olphen op Klimaatakkoord

Reactie Gerard van Olphen op Klimaatakkoord

Gepubliceerd op: 21 december 2018

“De Nederlandse financiële sector is positief over het concept Klimaatakkoord dat nu voor ligt. In de afgelopen maanden is hier door vele partijen hard aan gewerkt en dat verdient veel waardering. Nu is het zaak om de volgende stap te zetten om samen de klimaatdoelen van Parijs te halen. De financiële sector, zo blijkt uit het akkoord, neemt haar verantwoordelijkheid als het gaat om klimaatverandering. We gaan miljarden meer investeren in duurzame groei en zullen de CO2-uitstoot van onze financieringen en beleggingen meetbaar en fors verminderen. Zodat onze klanten ook in de toekomst kunnen genieten van een financieel gezonde en tegelijk duurzame wereld. Met het klimaatakkoord vandaag zijn veelbelovende stappen gezet. Tegelijk is nog meer uitwerking en concretisering nodig. De financiële sector wil daar de komende maanden graag verder over in gesprek met alle betrokken partijen.”

 

Op klimaatakkoord.nl is de volledige tekst van het Klimaatakkoord te lezen.

Volgende publicatie:
APG-locaties Amsterdam naar één duurzaam pand

APG-locaties Amsterdam naar één duurzaam pand

Gepubliceerd op: 27 september 2018

APG zal medio 2021 de locatie Symphony Tower aan de Zuidas verlaten en al zijn Amsterdamse activiteiten concentreren in het pand Basisweg 10, vlakbij station Sloterdijk.

 

APG bespaart hierdoor over de looptijd van het huurcontract (17 jaar) een bedrag van €87 miljoen op de huisvestingskosten, wat daarmee bijdraagt aan ons doel om de kosten per deelnemer te verlagen. Het pand zal vanaf januari 2019 door eigenaar Edge Technologies worden verbouwd tot een duurzaam en eigentijds pand. Door de verbouwing ontstaat een moderne werkomgeving die de medewerkers beter faciliteert dan de huidige werkomgeving en uitnodigt om samen te werken aan het hoofddoel van APG, het creëren van maximale pensioenwaarde. Uiteindelijk zullen zo’n 500 medewerkers van locatie Symphony verhuizen naar Basisweg, waar dan zo’n 1000 APG-medewerkers zullen werken.

 

Een van de meest duurzame gebouwen van Nederland
Eigenaar Edge Technologies realiseert het gebouw met een "BREEAM"-duurzaamheidscertificaat met het niveau excellent of hoger waardoor het gebouw bij de meest duurzame gebouwen van Nederland zal gaan horen, in overeenstemming met de uitgangspunten van APG als verantwoorde belegger. Het pand zal qua uitstraling passen bij ons als een toonaangevende pensioenuitvoerder en wereldwijde belegger.

Werkomgeving van hoge kwaliteit
Door de verbouwing ontstaat een moderne werkomgeving die de medewerkers beter faciliteert dan de huidige werkomgeving en uitnodigt om samen te werken. De werkomgeving wordt van een hogere kwaliteit: verschillende werkvormen (bijvoorbeeld geconcentreerd werken, samenwerken, agile werken) worden gefaciliteerd in een flexibel werkconcept.

 

Kosten
Door een lagere m2-prijs, een lagere m2 behoefte en een lager energiegebruik besparen we vanaf 2022, over de looptijd van het huurcontract (17 jaar), een bedrag van €87 miljoen aan huisvestingskosten, wat daarmee bijdraagt aan het doel van APG de kosten per deelnemer te verlagen.

 

Lees ook 'APG verruilt dure Zuidas voor opkomend Sloterdijk', een interview van het Financieele Dagblad met ons lid raad van bestuur Wim Henk Steenpoort (voor artikel is inlog vereist).

 

Volgende publicatie:
Financiële instellingen ontwikkelen methodiek om CO2-impact te meten

Financiële instellingen ontwikkelen methodiek om CO2-impact te meten

Gepubliceerd op: 12 december 2017

Twaalf Nederlandse banken, verzekeraars, fondsbeheerders en pensioenuitvoerders (waaronder APG) hebben een methodiek ontwikkeld om de CO2-impact van hun beleggingen en financieringen te meten.

 

Daardoor kunnen zij zichzelf doelen stellen die eraan bijdragen dat de wereldwijde temperatuurstijging binnen veilige marges blijft. Het eindrapport met de methodiek, het resultaat van twee jaar werk, verscheen op 12 december 2017.

 

Claudia Kruse, Managing Director Global Responsible Investment & Governance at APG Asset Management, zegt: ‘Dit resultaat laat zien hoe belangrijk samenwerking in de sector is. In dit rapport spreken we definities af waarmee we de CO2-voetafdruk in onze portefeuilles beter kunnen meten en vergelijken. Vandaag in Parijs starten we ook een wereldwijde samenwerking met beleggers voor engagement met de mondiale top-100 van grootste CO2-uitstoters. Met hen gaan we de dialoog aan over de governance en rapportage van klimaatrisico’s en het reduceren van de uitstoot van broeikasgassen. Alleen door samenwerking bereiken we de schaal die nodig is om klimaatverandering aan te pakken.’’

 

Invloed op CO2-afdruk

Financiële instellingen kunnen invloed uitoefenen op de CO2-afdruk van ondernemingen. Dat doen ze door de CO2-afdruk van ondernemingen mee te wegen bij hun investerings-beslissingen. En door in dialoog te gaan over de CO2-afdruk van ondernemingen waarin ze beleggen of die ze financieren.

 

Dat gegeven vormt de basis van het Platform Carbon Accounting Financials (PCAF). Dit is een van de eerste initiatieven waarin financiële instellingen samenwerken aan vermindering van de CO2-uitstoot. De leden zijn de banken ABN AMRO, ASN Bank, Triodos Bank en de Volksbank, pensioenfondsen PMT en PME, vermogensbeheerders ACTIAM, Achmea Investment Management, APG, MN en PGGM en ontwikkelingsbank FMO. Tijdens de klimaatconferentie van Parijs beloofden zij in de Dutch Carbon Pledge zich samen in te zetten voor het klimaat. In 2017 sloot verzekeraar Achmea Investment Management zich aan bij PCAF.

 

Uniforme, transparante methodiek

Het plan van de PCAF-leden was in twee jaar tijd een uniforme, transparante methodiek te ontwikkelen waarmee financiële instellingen CO2-doelen kunnen stellen en meten. Het zojuist verschenen rapport bevat dergelijke methodieken voor beursgenoteerde aandelen, projectfinancieringen, staatsobligaties, hypotheken, bedrijfsfinancieringen en onroerend goed. Het rapport is openbaar. Daarmee willen de leden van PCAF andere financiële instellingen stimuleren om ermee aan de slag te gaan.

 

Unieke samenwerking tussen financiële instellingen

Piet Sprengers van ASN Bank, voorzitter van PCAF: ‘We hebben in twee jaar hard werken een mooi resultaat bereikt dankzij de unieke samenwerking van twaalf financials. Het is nu zaak op dit resultaat voort te bouwen en echt met de methodiek aan de slag te gaan. Daarom zetten we PCAF nog twee jaar voort, zodat we elkaar blijven stimuleren en inspireren. Uiteindelijk gaat het erom dat we onze invloed als financier en belegger gebruiken om eraan bij te dragen dat de temperatuurstijging binnen veilige marges blijft.’

 

Methodiek internationaal uitdragen

Het standpunt van PCAF is dat het rapporteren van de CO2-voetafdruk door financiële instellingen een middel is om het uiteindelijke doel te bereiken: sturen op een portefeuille met een geringe CO2-impact, in overeenstemming met het Klimaatverdrag van Parijs. PCAF gaat in ieder geval twee jaar verder. De leden gaan best practices delen, dilemma’s bespreken, en samenwerken om de methodieken te verbeteren. Bovendien gaan zij de ontwikkelde methodiek internationaal uitdragen.  PCAF is ook aangesloten bij het Platform voor Duurzame Financiering onder voorzitterschap van De Nederlandsche Bank (DNB).

 

Over PCAF

Twaalf Nederlandse financiële instellingen – het Platform for Carbon Accounting Financials (PCAF) – werken samen aan de ontwikkeling van transparante ‘open source’-methodieken om de CO2-voetafdruk van hun beleggingen en financieringen te meten. Door de meting en door deze informatie te publiceren verwachten ze effectievere strategieën te ontwikkelen die bijdragen aan een koolstofarme maatschappij. Zij hopen dat belanghebbenden in de Nederlandse financiële sector en daarbuiten dit voorbeeld volgen.

 

Over het Platform voor Duurzame Financiering van DNB

Het Platform voor Duurzame Financiering is een samenwerkingsverband van De Nederlandsche Bank (voorzitter), de Nederlandse Vereniging van Banken, het Verbond van Verzekeraars, de Pensioenfederatie, de Dutch Fund and Asset Management Association (DUFAS), de Autoriteit Financiële Markten, het Ministerie van Financiën, het Ministerie van Infrastructuur en Milieu, en het Sustainable Finance Lab. De Nederlandsche Bank (DNB) heeft het platform in 2016 opgericht om de aandacht voor duurzame financiering in de financiële sector verder te vergroten en te stimuleren.

Volgende publicatie:
APG meest bewust van risico’s klimaatverandering

APG meest bewust van risico’s klimaatverandering

Gepubliceerd op: 28 april 2017

APG is zich van alle grote vermogensbeheerders het meest bewust van de risico’s van klimaatverandering voor de financiële wereld. APG, met 450 miljard euro aan belegd vermogen namens onder andere pensioenfonds ABP, kwalificeerde zich als enige vermogensbeheerder ter wereld voor de beoordeling AAA van het Asset Owners Disclosure Project (AODP).

 

Global Climate Index

Deze in Londen gevestigde onafhankelijke organisatie publiceert jaarlijks een Global Climate Index, waarin wordt gekeken in hoeverre de vijfhonderd grootste institutionele beleggers zich bij hun investeringen laten leiden door de gevolgen en risico’s van de opwarming van de aarde. Het AODP maakt een onderscheid tussen de eigenaren (vooral pensioenfondsen en verzekeraars) en de beheerders (de uitvoerders) van het geld, en waarderen ze met maximaal AAA en minimaal D – of X als ze het klimaat volledig negeren.

 

ABP en bpfBOUW

In deze index van beleggers met een goed klimaatbeleid staat ABP vijfde bij de categorie eigenaren. ABP heeft ook een AAA-score. BpfBOUW staat op de 69e plaats, hoewel dit fonds ook CO2-doelstellingen heeft en net als ABP bij uitvoerder APG zit. Een woordvoerder van APG laat weten dat het onderzoek een sterk vertekend beeld geeft van de stand van zaken bij bpfBOUW. ‘Tijdens dit onderzoek was bpfBOUW bezig met een versterking van het beleid verantwoord beleggen. Daardoor kon geen capaciteit worden vrijgemaakt om de survey van AODP in te vullen’, aldus de woordvoerder. Hierdoor heeft AODP gebruikgemaakt van openbare bronnen waardoor de score volgens APG lager is uitgevallen, aldus de woordvoerder. ‘Mocht bpfBOUW bij een volgende keer actief meewerken aan het onderzoek, dan zal het fonds ongetwijfeld een flinke stijging maken op de ranglijst.’

 

In de index, die deze woensdag voor de vijfde keer is verschenen, schrijft het AODP dat inmiddels zo’n 60 procent van alle institutionele beleggers de financiële risico’s van klimaatverandering onderkennen. Ze eisen dat bedrijven waar ze geld in steken, uitleggen hoe ze die risico’s inschatten. Dat kan bijvoorbeeld gaan over een tekort aan water, het gevaar van overstromingen en zware stormen, of de gevolgen van zeespiegelstijging.

 

Lees hier het artikel in NRC (met daarin ook het complete rapport van AODP)

 

Volgende publicatie:
APG wil investeringen in duurzame energie verdubbelen

APG wil investeringen in duurzame energie verdubbelen

Gepubliceerd op: 22 september 2016

De komende drie jaar wil APG zijn investeringen in duurzame energieproductie verdubbelen van één naar twee miljard euro.


350 institutionele beleggers en financiële instellingen

Kemna, die in New York het woord voert namens een coalitie van bijna 350 institutionele beleggers en financiële instellingen, wijst erop dat op dit moment wereldwijd zo’n 250 miljard dollar geïnvesteerd is in schone energie. Om de ergste vormen van klimaatverandering tegen te gaan, moet dat bedrag binnen een paar jaar worden verdubbeld.

De verdubbeling van de investeringen die APG de komende drie jaar wil realiseren in bijvoorbeeld wind- en zonne-energie, past binnen de verduurzaming van APG’s beleggingsportefeuille. In haar toespraak maakt Kemna bekend dat APG er in geslaagd is om zijn beleggingen in duurzaam vastgoed te verdubbelen naar € 11 miljard in de afgelopen twee jaar. Volgens Kemna is dat een belangrijke stap op de goede weg omdat vastgoed verantwoordelijk is voor zo’n 40 procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen.

 

Duurzaam investeren makkelijk maken

Om duurzaam investeren voor pensioenfondsen en institutionele beleggers eenvoudiger te maken, is het volgens Kemna belangrijk dat overheden zorgen voor duidelijke en stabiele regelgeving. Daarbij gaat het om maatregelen als het afschaffen van subsidies voor fossiele brandstoffen, hogere prijzen voor CO2-uitstootrechten en meer steun voor onderzoek naar schonere energieopwekking.

Om het belang hiervan te onderstrepen, heeft APG samen met andere beleggers een verklaring over klimaatverandering ondertekend waarin overheden gevraagd wordt dit soort maatregelen te nemen. De verklaring wordt onderschreven door 347 beleggers, waaronder Nederlandse pensioenfondsen als ABP, bpfBouw, SPW, PPF APG en verzekeraar Loyalis. Ze spreken de ambitie uit op zoek te gaan naar investeringen met een lage CO2-uitstoot, zover dat past binnen hun hoofdtaak als pensioenverstrekker en verzekeraar. Ook zullen ze bedrijven waarin ze beleggen aanzetten duidelijk en open te zijn over de risico’s die ze lopen door klimaatverandering.